Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2025:21305

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
12 september 2025
Publicatiedatum
12 november 2025
Zaaknummer
C/09/691329 / FA RK 25-6810
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:4 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing zorgmachtiging wegens ernstige verslavingsproblematiek en psychische stoornis

De rechtbank Den Haag heeft op 12 september 2025 een zorgmachtiging toegekend aan betrokkene, geboren in 1964, vanwege zijn ernstige verslaving aan soft- en harddrugs in combinatie met een persoonlijkheidsstoornis. De verslaving leidt tot een psychische stoornis die het denken, voelen, willen, oordelen en handelen van betrokkene zodanig beïnvloedt dat hij geen controle heeft over zijn gedrag.

Betrokkene heeft meerdere pogingen tot vrijwillige opname ondernomen, maar deze zijn telkens voortijdig beëindigd. De verslaving veroorzaakt ernstig nadeel, waaronder lichamelijke verwondingen, maatschappelijke teloorgang, overlast en agressief gedrag richting hulpverleners. Betrokkene is niet langer welkom bij maatschappelijke opvangvoorzieningen en ziekenhuizen in zijn omgeving.

De rechtbank stelt vast dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn dan verplichte zorg en dat de voorgestelde zorgmaatregelen proportioneel en effectief zijn. De zorgmachtiging omvat onder meer medicatietoediening, bewegingsbeperkingen, toezicht, insluiting en opname in een accommodatie. De machtiging geldt tot 12 maart 2026 en is bedoeld om de geestelijke en fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren en zijn autonomie te herstellen.

De beschikking is gegeven door rechter M. Dam en uitgesproken tijdens een openbare zitting. Het rechtsmiddel van cassatie staat open tegen deze beschikking.

Uitkomst: De rechtbank wijst de zorgmachtiging toe tot en met 12 maart 2026 vanwege ernstige verslaving en psychische stoornis met ernstig nadeel.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Team Jeugd- en Zorgrecht
Zaak-/rekestnr.: C/09/691329 / FA RK 25-6810
Datum beschikking: 12 september 2025

Machtiging tot het verlenen van verplichte zorg

Beschikkingnaar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:

[betrokkene] ,

hierna te noemen: betrokkene,
geboren op [geboortedatum] 1964 te [geboorteplaats] , Turkije,
wonende te [woonplaats] ,
thans verblijvende in de PI [regio 1] , te [plaats 1] ,
advocaat: mr. G.A.J. Purperhart te Rotterdam.

ProcesverloopBij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 10 september 2025, heeft de officier van justitie verzocht om een zorgmachtiging.

Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
- een op 28 augustus 2025 ondertekende medische verklaring van [naam 1] , psychiater, die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij de behandeling betrokken was;
- een blanco zorgkaart;
- een zorgplan van 26 augustus 2025;
- de bevindingen van de geneesheer-directeur van 5 september 2025;
- een uittreksel uit de justitiële documentatie;
- een afschrift van de politiemutaties;
- een afschrift van de beschikking waarbij mentorschap is ingesteld.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 12 september 2025. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- de officier van justitie, mr. B.M.M. Zonneveld;
- de mentor van betrokkene, mevrouw [naam 2] ;
- de geneesheer-directeur van [zorginstantie] , mevrouw [naam 3] (telefonisch);
- de sociaal-psychiatrisch verpleegkundige van de PPC, [naam 4] .

Standpunten ter zitting

Betrokkene heeft ter zitting aangevoerd dat hij vrijwillig wil worden opgenomen. De advocaat heeft daarom verzocht om afwijzing van het verzoek. Hij is gemotiveerd om te veranderen. Als hij niet de juiste hulp krijgt, zal hij terugkeren naar Turkije.
De geneesheer-directeur heeft ter zitting verklaard dat bij betrokkene sprake is van een ernstige verslaving en een persoonlijkheid met antisociale trekken. Deze combinatie maakt dat het gedrag van betrokkene volledig wordt overgenomen en bepaald door zijn verslaving. Betrokkene is in 2021 in stabiele toestand uitgeschreven bij [zorginstantie] . Vervolgens is betrokkene teruggevallen in drugsgebruik, waarna in het vrijwillige kader is geprobeerd om aan betrokkene opnieuw zorg te verlenen. De zorgmachtiging is aangevraagd als laatste optie om het ernstig nadeel te kunnen afwenden. Omdat opname in zijn eigen omgeving niet doelmatig is, is hij aangemeld voor opname bij GGZ [regio 2] . Er is geen vertrouwen dat betrokkene dit op vrijwillige basis zal accepteren. De meest recente opname van betrokkene is beëindigd op eigen verzoek of door zijn gedrag.
De officier van justitie heeft ter zitting naar voren gebracht dat de verslaving van betrokkene in de weg staat aan zijn wens om vrijwillig zorg te accepteren. Daarbij kan betrokkene alleen met een zorgmachtiging bij GGZ [regio 2] worden opgenomen.

Beoordeling

Uit de overgelegde stukken is gebleken dat bij betrokkene sprake is van een verslaving aan zowel soft- als harddrugs.
Volgens de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2022:559) leidt een verslaving aan middelen op zichzelf niet tot toepassing van de Wvggz. Er moet sprake zijn van een psychische stoornis van zodanige ernst dat het denken, voelen, willen, oordelen en doelgericht handelen daardoor zo ingrijpend worden beïnvloed dat betrokkene het veroorzaakte gevaar niet kan worden toegerekend, omdat de stoornis de gevaarvolle daden van betrokkene overwegend beheerst. Deze psychische stoornis kan voortvloeien uit of samenhangen met de verslaving aan middelen. Het kan ook gaan om een van de verslaving losstaande psychische stoornis van andere aard.
Naar het oordeel van de rechtbank wordt in het geval van betrokkene voldaan aan voornoemde criteria. Blijkens de overgelegde stukken en de verklaring van de geneesheer-directeur heeft betrokkene als gevolg van de verslaving in het gebruik van drugs in combinatie met een persoonlijkheidsstoornis geen enkele controle over zijn verslaving. Zijn gehele denken, voelen, willen, oordelen en doelgericht handelen is enkel en alleen gericht op het verkrijgen van (geld voor) drugs en heeft ertoe geleid dat betrokkene niet meer in staat is om voor zichzelf te zorgen.
Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige materiële schade;
- ernstige financiële schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- ernstig verstoorde ontwikkeling voor of van betrokkene of een ander;
- bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat hij onder invloed van een ander raakt;
- de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept;
- de situatie dat de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is.
Betrokkene is ermee bekend zeer veel overlast te veroorzaken in [plaats 2] . Hij manipuleert mensen en instanties en schuwt geen pressiemiddelen om geld en verdovende middelen te krijgen. Bij de Straatzorg [plaats 2] dwingt betrokkene hulp af en wordt wekelijks de praktijk uit gezet. Ook heeft hij recentelijk in de praktijk zijn jas in brand gestoken om zijn onvrede te uiten. In opvangvoorzieningen en ziekenhuizen heeft betrokkene ook fysiek geweld getoond tegen hulpverlening en medepatiënten, eigendommen vernield en medewerkers en medepatiënten bedreigd. Verder is hij ermee bekend in bezit te zijn geweest van steekwapens, te urineren waar en wanneer dit hem uitkomt en anderen uit te lokken. Betrokkene is lichamelijk beperkt en niet in staat om zichzelf te verzorgen. Zo heeft hij verwondingen met forse infecties aan armen en benen. Ten slotte maakt zijn afhankelijkheid en invaliditeit betrokkene kwetsbaar voor misbruik door anderen.
Om het ernstig nadeel af te wenden, de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren, de geestelijke gezondheid van betrokkene te herstellen zodanig dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint en de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen, heeft betrokkene zorg nodig.
Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Hoewel betrokkene ter zitting heeft aangegeven het eens te zijn met de opname, is hij ambivalent gebleken in zijn bereidheid om de zorg op vrijwillige basis te accepteren. Ook is hij meermaals vrijwillig opgenomen geweest voor zijn verslaving of voor zijn somatische problemen, maar zijn de opnames telkens voortijdig door hem beëindigd. Om die reden is verplichte zorg nodig.
De in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg zijn gebaseerd op de medische verklaring, het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur. Deze vormen van verplichte zorg zijn door de rechtbank tijdens de mondelinge behandeling besproken.
Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:
- toedienen van medicatie;
- verrichten medische controles;
- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;
- beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek aan kleding of lichaam;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De voorgestelde verplichte zorg is bovendien evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt verder dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. Blijkens de stukken en de verklaringen ter zitting heeft tot nu toe geen enkele interventie tot een duurzaam resultaat geleid. Ondertussen is betrokkene niet langer welkom bij vrijwel alle maatschappelijke opvangvoorzieningen en ziekenhuizen in omgeving [plaats 2] .
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend.

Beslissing

De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging ten aanzien van:

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum] 1964 te [geboorteplaats] , Turkije,
inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:
- toedienen van medicatie;
- verrichten medische controles;
- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;
- beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek aan kleding of lichaam;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 12 maart 2026;
wijst het meer of anders verzochte af.
Deze beschikking is gegeven door mr. M. Dam, rechter, bijgestaan door K.S. Versteegen als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 12 september 2025.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 25 september 2025.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.