Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Procesverloop
bestreden besluit 1) heeft de minister aan eiser de maatregel van bewaring op grond van artikel 59b, eerste lid, aanhef en onder a en b, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) opgelegd. De minister heeft deze maatregel van bewaring op 29 oktober 2025 opgeheven.
bestreden besluit 2) heeft de minister aan eiser de maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid en onder a, van de Vw opgelegd.
Overwegingen
bestreden besluit 1) is opgeheven, beperkt de beoordeling zich in deze zaak tot de vraag of aan eiser schadevergoeding moet worden toegekend. In dit verband moet de vraag worden beantwoord of de tenuitvoerlegging van de maatregel van bewaring op enig moment voorafgaande aan de opheffing daarvan onrechtmatig is geweest. Op grond van artikel 106 van de Vw kan de rechtbank indien de bewaring al is opgeheven vóór de behandeling van het verzoek om opheffing van de bewaring aan eiser een schadevergoeding ten laste van de Staat toekennen.
Bewaringsgronden
bestreden besluit 2– vermeld dat eiser:
Voortvarend handelen
bestreden besluit 2) zijn op 31 oktober 2025 en 13 november 2025 met eiser vertrekgesprekken gevoerd. Op 31 oktober 2025 is aanvankelijk een lp-aanvraag aan de Directie Internationale Aangelegenheden verzonden, maar deze aanvraag is niet extern doorgezet als gevolg van de eerdere bevindingen van de Bengaalse autoriteiten en het gebrek aan andere documenten. De minister zal ten behoeve van de uitzetting regelmatig vertrekgesprekken met eiser blijven voeren. Deze handelingen zijn naar het oordeel van de rechtbank voldoende om te oordelen dat de minister voortvarend werkt aan de uitzetting van eiser. De beroepsgrond slaagt niet.
Beslissing
- verklaart de beroepen ongegrond;
- wijst de verzoeken om schadevergoeding af.