ECLI:NL:RBDHA:2025:22698
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot oplegging dwangakkoord wegens onvoldoende maximaal haalbaar voorstel
Verzoeker bevindt zich in een problematische schuldensituatie met een totale schuldenlast van €17.027,55 verdeeld over negentien schuldeisers. Hij heeft een schuldregeling voorgesteld waarbij schuldeisers over 18 maanden hun vorderingen geheel of gedeeltelijk zouden kwijtschelden, gebaseerd op zijn toenmalige PW-uitkering. Niet alle schuldeisers gingen hiermee akkoord, waarop verzoeker de rechtbank verzocht om een dwangakkoord op te leggen.
De rechtbank stelde vast dat de schuldbemiddeling door een bevoegde instantie, de gemeente, was uitgevoerd en dat het voorstel echter niet het maximaal haalbare was. Verzoeker is inmiddels voltijds werkzaam en volgt een studie met baangarantie, waardoor zijn toekomstige afloscapaciteit zal stijgen. De rechtbank oordeelde dat het voorstel onvoldoende rekening houdt met deze verbeterde financiële situatie.
Daarom is het niet onredelijk dat schuldeisers weigeren in te stemmen met het voorstel. Het verzoek tot oplegging van het dwangakkoord wordt afgewezen. Verzoeker behoudt het recht om een afzonderlijk verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) in te dienen, waarover de rechtbank in een apart vonnis zal beslissen.
Uitkomst: Het verzoek tot oplegging van het dwangakkoord wordt afgewezen omdat het voorstel niet het maximaal haalbare is.