ECLI:NL:RBDHA:2025:23366
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te vroege ingebrekestelling bij asielaanvraag Syrië-moratorium
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel, ingediend op 13 juni 2024. De minister ontving de aanvraag en diende uiterlijk binnen zes maanden te beslissen. Echter, vanwege het besluitmoratorium voor Syrië, dat gold van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025, werd de beslistermijn verlengd met één jaar, waardoor de maximale termijn 21 maanden bedroeg.
Eiser heeft de minister op 12 februari 2025 schriftelijk in gebreke gesteld, maar op dat moment was de beslistermijn nog niet verstreken. Hierdoor was de ingebrekestelling te vroeg ingediend. Volgens de Algemene wet bestuursrecht is een ingebrekestelling pas geldig als deze na het verstrijken van de beslistermijn wordt gedaan.
De rechtbank oordeelt dat het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter G.P. Loman en griffier J.M. Pattynama op 16 oktober 2025 in Utrecht.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege een te vroeg ingediende ingebrekestelling.