ECLI:NL:RBDHA:2025:23636
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-tijdig beslissen op asielaanvraag van Syriër onder moratorium
In deze zaak heeft eiser, een Syriër, beroep ingesteld tegen de minister van Asiel en Migratie omdat deze niet tijdig heeft beslist op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel. De aanvraag is op 14 februari 2024 ingediend, en volgens de wet moet de minister binnen zes maanden beslissen. Eiser heeft de minister op 23 juni 2025 in gebreke gesteld, maar heeft pas op 14 juli 2025 beroep ingesteld, meer dan twee weken na de ingebrekestelling. De rechtbank heeft vastgesteld dat de minister de beslistermijn had verlengd tot maximaal 21 maanden vanwege een besluitmoratorium dat gold voor Syrië van 14 december 2024 tot 13 juni 2025. Hierdoor was de ingebrekestelling van eiser te vroeg, aangezien de beslistermijn op dat moment nog niet verstreken was. De rechtbank heeft het beroep van eiser dan ook kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter G.P. Loman en griffier J.M. Pattynama, en is openbaar gemaakt op 17 oktober 2025.