Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser werd op 15 juli 2025 in bewaring gesteld op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Na eerdere toetsing was de bewaring tot 21 oktober 2025 rechtmatig. De beoordeling richt zich op het voortduren van de bewaring daarna.
Op 22 november 2025 meldden de Algerijnse autoriteiten dat eiser niet in hun registratiesysteem stond, waardoor zijn nationaliteit niet bevestigd kon worden. Op 28 november 2025 werd een vertrekgesprek gevoerd, waarna de bewaring op 9 december 2025 werd opgeheven. De rechtbank oordeelt dat vanaf 28 november 2025 de bewaring onrechtmatig is geworden vanwege onvoldoende voortvarendheid bij de uitzetting en het ontbreken van zicht op uitzetting.
De rechtbank wijst een schadevergoeding van €1.200 toe voor 12 dagen onrechtmatige vrijheidsontneming en veroordeelt de Staat in de proceskosten van €907. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Bewaring onrechtmatig vanaf 28 november 2025 en toekenning schadevergoeding van €1.200 aan eiser.