ECLI:NL:RBDHA:2025:23986

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
15 december 2025
Publicatiedatum
15 december 2025
Zaaknummer
NL25.60336
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 59 VwArt. 96 Vw
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ongegrond verklaring beroep tegen voortzetting maatregel van bewaring vreemdeling

De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser, een Algerijnse vreemdeling, tegen de voortzetting van de maatregel van bewaring die op 25 augustus 2025 door de minister van Asiel en Migratie was opgelegd.

De rechtbank had eerder op 2 oktober 2025 de rechtmatigheid van de maatregel tot die datum getoetst en geoordeeld dat deze rechtmatig was. De huidige beoordeling richt zich op het voortduren van de maatregel vanaf 1 oktober 2025 tot het sluiten van het onderzoek op 15 december 2025.

Eiser heeft geen nieuwe gronden aangevoerd tegen de voortzetting van de maatregel en verwijst naar het eerdere oordeel van de rechtbank. De rechtbank komt ambtshalve niet tot het oordeel dat de voortzetting onrechtmatig is.

Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: Het beroep tegen de voortzetting van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.60336

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser,

V-nummer: [V-nummer] ,
(gemachtigde: mr. P.J.T. de Kan),
en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder,

Procesverloop

Bij besluit van 25 augustus 2025 heeft verweerder aan eiser de maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vw [1] opgelegd. Deze maatregel duurt nog voort.
De rechtbank heeft op 9 december 2025 een kennisgeving ontvangen van de maatregel. Daarmee wordt eiser geacht tegen de maatregel van bewaring beroep te hebben ingesteld en daarbij te hebben verzocht om schadevergoeding.
Verweerder heeft een voortgangsrapportage overgelegd. Eiser heeft hierop gereageerd.
De rechtbank heeft bepaald dat een onderzoek ter zitting achterwege blijft en het onderzoek op 15 december 2025 gesloten.

Overwegingen

1. Eiser stelt te zijn geboren op [geboortedag] 1990 en de Algerijnse nationaliteit te hebben.
2. Indien de rechtbank van oordeel is dat de toepassing of tenuitvoerlegging van de maatregel van bewaring in strijd is met de Vw dan wel bij afweging van alle daarbij betrokken belangen in redelijkheid niet gerechtvaardigd is, verklaart zij op grond van artikel 96, derde lid, van de Vw het beroep gegrond en beveelt zij de opheffing van de maatregel of een wijziging van de wijze van tenuitvoerlegging daarvan.
3. De rechtbank stelt voorop dat zij deze maatregel van bewaring al eerder heeft getoetst. Hierbij wordt verwezen naar de uitspraak van deze rechtbank en zittingsplaats van 2 oktober 2025. [2] Uit de voormelde uitspraak volgt dat de maatregel van bewaring tot het moment van het sluiten van het onderzoek dat aan die uitspraak ten grondslag ligt, 1 oktober 2025, rechtmatig was. Daarom ziet de beoordeling nu op het voortduren van de maatregel van bewaring sinds 1 oktober 2025.
4. De rechtbank stelt vast dat eiser geen gronden heeft ingediend tegen de voortduring van de maatregel van bewaring. Eiser refereert zich aan het oordeel van de rechtbank.
5. De rechtbank komt ambtshalve niet tot het oordeel dat het voortduren van de maatregel van bewaring tot het moment van het sluiten van het onderzoek op enig moment onrechtmatig was.
6. Het beroep is ongegrond. Daarom wordt ook het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank:
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Deze uitspraak is gedaan op 15 december 2025 door mr. E.F. Bethlehem, rechter, in aanwezigheid van mr. S. Mohandes, griffier en openbaar gemaakt door middel van publicatie op
www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Voetnoten

1.Vreemdelingenwet 2000.