ECLI:NL:RBDHA:2025:24200
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering voorschot bijstandsuitkering wegens niet-ingediende stukken
Eiser heeft op 21 januari 2022 een aanvraag om bijstand ingediend en ontving een voorschot van € 2.313,72. Het college wees de aanvraag af op 28 april 2022 vanwege het niet indienen van gevraagde documenten, waaronder bankafschriften, en vorderde het voorschot terug. Eiser stelde bezwaar en beroep in tegen deze terugvordering.
De rechtbank overweegt dat het bezwaar van eiser niet ziet op de afwijzing van de aanvraag, maar alleen op de terugvordering van het voorschot. Het college heeft het bezwaar ontvankelijk verklaard en het beroep behandeld. Eiser voerde aan dat de terugvordering onredelijk is omdat hij sinds januari 2024 inkomen probeert te verwerven en niet in staat is het bedrag terug te betalen.
De rechtbank stelt vast dat het college op grond van artikel 58 van Pro de Participatiewet bevoegd is het voorschot terug te vorderen als later blijkt dat geen recht op bijstand bestaat. Er zijn geen dringende redenen om van terugvordering af te zien en eiser heeft onvoldoende onderbouwd dat hij niet kan betalen. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en veroordeelt eiser in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de terugvordering van het voorschot bijstandsuitkering is ongegrond verklaard.