Eiser diende op 27 november 2023 een aanvraag in voor een uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven, nadat hij slachtoffer was geworden van mishandeling in juni 2023. Verweerder wees de aanvraag af wegens onvoldoende objectieve informatie over de toedracht en omstandigheden van het geweldsmisdrijf. Eiser verzocht om herziening, stellende dat hij nog steeds pijnklachten heeft en dat de verdachte is veroordeeld met een bekennende verklaring. Verweerder handhaafde het besluit omdat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht het herzieningsverzoek heeft afgewezen omdat eiser geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die het eerdere besluit zouden kunnen wijzigen. Medische informatie over het letsel is onvoldoende om de toedracht te onderbouwen. Ook is vastgesteld dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat het eerdere besluit onmiskenbaar onjuist is. De rechtbank wijst de beroepsgronden van eiser af, waaronder het beroep op schending van het zorgvuldigheidsbeginsel, motiveringsbeginsel en hoorplicht.
De rechtbank benadrukt dat het Schadefonds bedoeld is voor slachtoffers die buiten hun schuld geweld hebben ondervonden en dat duidelijkheid over de omstandigheden noodzakelijk is. Omdat eiser geen aanvullende bewijsstukken heeft overgelegd en niet heeft gereageerd op verzoeken om aanvullende informatie, blijft het eerdere besluit rechtsgeldig. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt geen vergoeding van proceskosten of griffierecht.