ECLI:NL:RBDHA:2025:24853
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang na vertrek met onbekende bestemming
Eiser diende op 26 september 2025 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De Minister van Asiel en Migratie verklaarde deze aanvraag op 13 oktober 2025 niet-ontvankelijk. Eiser ging hiertegen in beroep bij de rechtbank Den Haag.
De rechtbank stelde vast dat eiser op 28 november 2025 de opvang met onbekende bestemming had verlaten en sindsdien geen contact meer had met zijn gemachtigde. Dit leidde tot de vraag of eiser nog procesbelang had bij de behandeling van zijn beroep. Volgens vaste rechtspraak ontbreekt procesbelang wanneer een vreemdeling zonder nadere mededeling vertrekt en geen contact onderhoudt, omdat dan geen prijs meer wordt gesteld op bescherming.
De rechtbank concludeerde dat eiser geen procesbelang meer had en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Tevens werd geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak werd gedaan zonder zitting op 17 december 2025. Partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na verzending van het vonnis.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.