ECLI:NL:RBDHA:2025:24892
Rechtbank Den Haag
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding toegekend na intrekking beroep tegen vrijheidsbeperkende maatregel
Verzoeker stelde op 1 oktober 2025 beroep in tegen een vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd door de minister van Asiel en Migratie. De minister heeft deze maatregel op 15 oktober 2025 opgeheven, waarna verzoeker zijn beroep introk. De rechtbank beoordeelde het verzoek van verzoeker om de minister te veroordelen in de proceskosten.
De minister gaf aan bereid te zijn de proceskosten tot een bedrag van €907,- te vergoeden. De rechtbank stelde vast dat de minister pas na het indienen van het beroep de maatregel heeft opgeheven, wat neerkomt op tegemoetkoming aan het beroep. Daarom wees de rechtbank het verzoek om proceskostenveroordeling toe en legde de minister op de proceskosten van verzoeker te vergoeden.
De rechtbank stelde het bedrag van de proceskosten vast op €907,-, omdat dit de kosten waren die verband hielden met het indienen van het beroepschrift. Omdat verzoeker een toevoeging had, moest de minister deze vergoeding aan de gemachtigde betalen. De uitspraak werd gedaan door rechter M. Munsterman en griffier K.E. Mulder, en is gepubliceerd op rechtspraak.nl.
Uitkomst: De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker ter hoogte van €907,-.