ECLI:NL:RBDHA:2025:24912
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Vonnis in kort geding over vervangende toestemming voor vakantie en nakoming zorgregeling
In deze zaak heeft de vrouw, eiseres, bij dagvaarding in kort geding verzocht om vervangende toestemming om met haar minderjarige kind naar Marokko te reizen. De man, gedaagde, heeft in reconventie gevorderd om een dwangsom te verbinden aan de nakoming van een eerdere zorgregeling. Tijdens de mondelinge behandeling op 22 december 2025 hebben beide partijen en de advocaat van de vrouw, mr. R.N. Baldew, verklaard aanwezig te zijn. De man heeft na de zitting toestemming gegeven voor de vakantie, wat leidde tot overeenstemming tussen partijen. De voorzieningenrechter heeft vastgesteld dat er geen verdere beslissing nodig was in conventie, aangezien de vrouw haar vordering had gekregen. In reconventie is de voorlopige zorgregeling gewijzigd, waarbij de vrouw een dwangsom is opgelegd voor het niet nakomen van de zorgregeling. De voorzieningenrechter heeft de proceskosten gecompenseerd, en de vrouw is veroordeeld tot het betalen van een dwangsom van € 50,- per dag bij niet-nakoming, met een maximum van € 2.500,-. Het vonnis is uitgesproken op 24 december 2025.