ECLI:NL:RBDHA:2025:24938
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verzoek om inzage in persoonsgegevens en rectificatie van beoordelingsformulier op basis van de AVG
In deze zaak heeft de rechtbank Den Haag op 18 december 2025 uitspraak gedaan in een verzoekschrift van [verzoeker] tegen Interparking Nederland B.V. Het verzoek betreft inzage in persoonsgegevens op basis van artikel 15 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en een verzoek tot rectificatie van een beoordelingsformulier op basis van artikel 16 AVG. [Verzoeker] stelt dat hij niet alle verwerkte persoonsgegevens heeft ontvangen en dat het beoordelingsformulier feitelijk onjuiste informatie bevat. De rechtbank heeft vastgesteld dat Interparking al een deel van de verwerkte persoonsgegevens heeft verstrekt, maar dat er nog een e-mail met persoonsgegevens over de afloop van het arbeidscontract van [verzoeker] moet worden verstrekt. De rechtbank heeft het verzoek tot rectificatie van het beoordelingsformulier afgewezen, omdat het gaat om een professionele beoordeling en niet om feitelijk onjuiste gegevens. De rechtbank heeft Interparking opgedragen om de ontbrekende e-mail uiterlijk op 8 januari 2026 te verstrekken, waarna [verzoeker] de mogelijkheid heeft om hierop te reageren.