ECLI:NL:RBDHA:2025:2498
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling ongegrond verklaard
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van een vreemdeling tegen het voortduren van een maatregel van bewaring opgelegd door de minister van Asiel en Migratie. De maatregel was reeds eerder getoetst en rechtmatig bevonden tot 15 januari 2025. Het geschil betrof de rechtmatigheid van het voortduren van deze maatregel na die datum.
De vreemdeling voerde aan dat hij contact had met de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) en dat rond 20 februari 2025 duidelijk zou zijn wanneer hij met hulp van IOM zou kunnen terugkeren naar Bangladesh. Desondanks oordeelde de rechtbank dat het onttrekkingsrisico nog steeds aanwezig was en dat de grondslag voor de maatregel onverminderd van kracht bleef.
De rechtbank zag geen reden om het voortduren van de maatregel onrechtmatig te achten en verwierp het beroep en het verzoek om schadevergoeding. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is definitief en niet meer vatbaar voor beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.