ECLI:NL:RBDHA:2025:2531
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing visumaanvraag kort verblijf wegens onvoldoende onderbouwing verblijfsdoel en terugkeer
Eiseres, een Marokkaanse vrouw, verzocht om een visum voor kort verblijf om haar vriendin in Nederland te bezoeken. De minister van Buitenlandse Zaken wees de aanvraag af omdat eiseres het doel en de omstandigheden van het verblijf niet voldoende had onderbouwd en onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij tijdig zou terugkeren naar Marokko.
Eiseres stelde dat zij een langdurige vriendschappelijke relatie heeft met de referente en dat zij als enig thuiswonend kind voor haar rolstoelafhankelijke vader zorgt, wat haar sociale en economische binding met Marokko onderbouwt. Zij overhandigde foto’s en verklaringen ter ondersteuning, maar verweerder vond deze onvoldoende objectief verifieerbaar.
De rechtbank oordeelde dat eiseres onvoldoende bewijs had geleverd, zoals gedateerde foto’s of chatgesprekken, om het verblijfsdoel aannemelijk te maken. Ook vond de rechtbank dat verweerder terecht van het horen van eiseres in bezwaar heeft afgezien, omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de visumaanvraag kort verblijf wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.