ECLI:NL:RBDHA:2025:25400
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep wegens niet tijdig besluit op aanvraag machtiging voorlopig verblijf nareis
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De rechtbank had eerder op 7 november 2024 het eerste beroep gegrond verklaard en verweerder opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met een dwangsom bij overschrijding.
Ondanks deze uitspraak heeft verweerder geen besluit genomen, waarop eiseres opnieuw beroep instelde op 25 maart 2025. De rechtbank verklaart dit tweede beroep ontvankelijk en gegrond, en stelt een nieuwe termijn van twee weken voor het nemen van het besluit.
Daarnaast legt de rechtbank een verhoogde dwangsom op van € 200 per dag met een maximum van € 15.000 wegens het uitblijven van het besluit. Verweerder wordt tevens veroordeeld in de proceskosten van eiseres.
De rechtbank wijst het verzoek om vrijstelling van griffierecht definitief toe, gelet op de betalingsonmacht van eiseres. De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp en griffier R. de Mul op 23 december 2025.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, legt een dwangsom op en draagt verweerder op binnen twee weken een besluit te nemen.