Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Syrische asielzoeker, diende op 29 april 2024 een asielaanvraag in Nederland in, maar deze werd niet in behandeling genomen omdat Kroatië verantwoordelijk was. Verweerder verlengde de overdrachtstermijn tot achttien maanden wegens onderduiken van eiser.
Eiser voerde aan dat er geen bewijs was dat hij ondergedoken was en dat de verstrekte informatie aan Kroatië onjuist was. De rechtbank stelde vast dat eiser op de hoogte was van de geplande overdracht en de verplichting om aanwezig te zijn op het AZC, maar desondanks niet op het afgesproken ophaaltijdstip aanwezig was.
De rechtbank concludeerde dat eiser doelbewust buiten bereik van de autoriteiten bleef om de overdracht te frustreren, waardoor de verlenging van de overdrachtstermijn terecht was. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de verlenging van de overdrachtstermijn wegens onderduiken is ongegrond verklaard.