De moeder verzocht de rechtbank om vervangende toestemming te verlenen voor het aanvragen van een Nederlands paspoort en het reizen met de minderjarige tijdens de kerstvakantie naar het buitenland. De ouders oefenen gezamenlijk gezag uit over het kind, maar de vader is sinds april 2024 onvindbaar en heeft geen toestemming gegeven.
De rechtbank stelde vast dat de vader geen verweer heeft gevoerd en dat het in het belang van het kind is dat het paspoort wordt verlengd en dat het kind met de moeder op vakantie kan. De moeder was niet aanwezig op de zitting vanwege een vergissing, en ook de vader was niet verschenen.
Op grond van de Paspoortwet en het Burgerlijk Wetboek verleende de rechtbank de vervangende toestemming aan de moeder, verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad en wees het meer of anders verzochte af.