Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van een maatregel van bewaring die op 24 oktober 2024 door de minister van Asiel en Migratie is opgelegd. De rechtbank heeft eerder de rechtmatigheid van de maatregel tot 8 januari 2025 bevestigd, waarna nu alleen het voortduren van de maatregel wordt beoordeeld.
Eiser betoogt dat er geen zicht is op uitzetting naar Marokko binnen een redelijke termijn, mede omdat de aanvraag voor een laissez-passer op 4 november 2024 naar de Marokkaanse autoriteiten is gestuurd zonder reactie. Daarnaast stelt eiser dat verweerder onvoldoende voortvarend handelt en dat een lichter middel, zoals een meldplicht, had moeten worden toegepast.
De rechtbank oordeelt dat er wel degelijk zicht is op uitzetting, mede omdat eiser niet volledig meewerkt aan zijn uitzetting, bijvoorbeeld door weigering zijn paspoort op te sturen. Verweerder handelt voldoende voortvarend door vertrekgesprekken te voeren en schriftelijk te rappelleren bij de Marokkaanse autoriteiten. De rechtbank ziet geen reden om een lichter middel toe te passen, mede vanwege het risico dat eiser zich aan toezicht onttrekt.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.