ECLI:NL:RBDHA:2025:3348
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang na verkoop woning
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een woningvormingsvergunning om een woning te verbouwen tot drie zelfstandige woningen. Deze aanvraag is door het college van burgemeester en wethouders van Den Haag afgewezen vanwege negatieve gevolgen voor de kwaliteit van de woonruimtevoorraad en de leefbaarheid in het gebied.
Eiser heeft de woning tijdens de beroepstermijn verkocht en zijn rechtsopvolgers hebben vervolgens ook beroep ingesteld. De rechtbank heeft eerst moeten beoordelen of eiser nog procesbelang had om het beroep inhoudelijk te behandelen.
De rechtbank oordeelt dat eiser geen procesbelang meer heeft omdat hij de woning heeft verkocht en geen schade heeft gesteld die voortvloeit uit het bestreden besluit. Hierdoor is het beroep niet-ontvankelijk verklaard en is de zaak niet inhoudelijk beoordeeld. Eiser krijgt het griffierecht niet terug en er worden geen proceskosten toegekend.
De uitspraak is gedaan door rechter C.W. Griffioen op 10 maart 2025. Partijen kunnen tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de woningvormingsvergunning is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.