ECLI:NL:RBDHA:2025:3844
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag vanwege prematuur ingediend ingebrekestelling
Eiser diende op 5 september 2023 een asielaanvraag in. Nederland werd op 19 april 2024 verantwoordelijk voor de aanvraag, waardoor de wettelijke beslistermijn van zes maanden op 19 oktober 2024 zou eindigen. De minister verlengde echter de beslistermijn met negen maanden voor aanvragen ingediend tussen 1 januari 2024 en 1 januari 2025, op grond van het WBV 2023/26.
De rechtbank oordeelde in een eerdere zaak dat deze verlenging rechtsgeldig is vanwege een grote instroom van asielzoekers. Hierdoor was de ingebrekestelling van eiser op 24 januari 2025 prematuur, omdat de verlengde termijn nog niet was verstreken. Het beroep voldoet daarom niet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, Awb voor een beroep tegen niet tijdig beslissen.
De rechtbank verklaart het beroep dan ook kennelijk niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting op basis van artikel 8:54 Awb Pro.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege een prematuur ingediende ingebrekestelling.