ECLI:NL:RBDHA:2025:3976
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens vertrek asielzoeker met onbekende bestemming
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen het niet in behandeling nemen van zijn aanvraag verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Verweerder had de aanvraag afgewezen omdat Polen verantwoordelijk was voor de asielaanvraag volgens het Dublin-verdrag.
Tijdens de zitting bleek uit het dossier dat eiser Frankrijk was binnengekomen en daar een asielverzoek had ingediend. Tevens was eiser sinds 5 februari 2025 geregistreerd als 'Zelfstandig woonruimte verlaten' en was er geen contact meer tussen eiser en zijn gemachtigde. De rechtbank concludeerde dat eiser geen prijs meer stelde op bescherming in Nederland.
Op grond van vaste rechtspraak en een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang. De rechtbank heeft het beroep niet inhoudelijk beoordeeld en wees proceskostenvergoedingen af.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang omdat eiser met onbekende bestemming is vertrokken en geen contact meer onderhoudt met zijn gemachtigde.