ECLI:NL:RBDHA:2025:4491
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende geloofwaardigheid identiteit en herkomst Eritrese vrouw
Eiseres, een vrouw die stelt van Eritrese nationaliteit te zijn, diende een asielaanvraag in die door de minister werd afgewezen wegens onvoldoende bewijs van haar identiteit en herkomst. De rechtbank behandelde het beroep en oordeelde dat eiseres onvoldoende inspanningen had verricht om documenten te verkrijgen die haar identiteit en nationaliteit konden onderbouwen.
De rechtbank stelde dat eiseres sinds 2018 meerderjarig was en dat zij zich vanaf dat moment had moeten inspannen voor het verkrijgen van documenten. Haar mobiliteitsbeperkingen en analfabetisme werden onvoldoende geacht om het ontbreken van documenten te rechtvaardigen. Ook werd haar beperkte kennis van de Tigrinya-taal en Eritrese cultuur als onlogisch beoordeeld, gezien haar achtergrond en opvoeding.
De minister had terecht geoordeeld dat het ontbreken van geloofwaardigheid in haar identiteit en herkomst het asielrelaas ongeldig maakte, waardoor de inhoudelijke beoordeling van haar asielmotieven achterwege kon blijven. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende aannemelijkheid van identiteit en herkomst.