ECLI:NL:RBDHA:2025:4694
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T.J. Thurlings - Rassa
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing mvv-aanvraag wegens onvoldoende DNA-bewijs en samenwerkingsverplichting
Eiseres, een 12-jarige Eritrese, vroeg een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aan als gezinslid bij haar gestelde vader in Nederland. De minister wees de aanvraag af wegens onvoldoende bewijs van identiteit en familierechtelijke relatie, met name omdat DNA-onderzoek niet kon worden uitgevoerd. Eiseres kon niet legaal naar Ethiopië reizen, waar het DNA-onderzoek mogelijk was, en werd bij een poging zelfs gedetineerd.
De rechtbank oordeelt dat de minister de situatie van eiseres onvoldoende heeft meegewogen. De naturalisatie van de referent na de peildatum mag niet leiden tot afwijzing. De minister moet alternatieve bewijsmethoden onderzoeken, waaronder samenwerking met andere EU-lidstaten die wel een ambassade in Eritrea hebben, zodat het DNA-onderzoek daar kan plaatsvinden.
Indien samenwerking niet mogelijk is, moet de minister andere bewijsleveringsmogelijkheden bieden, zoals het horen van de moeder. De rechtbank vernietigt het besluit en draagt de minister op binnen zes maanden een nieuw besluit te nemen, rekening houdend met de bijzondere omstandigheden en de jurisprudentie van het Hof van Justitie EU.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de mvv-aanvraag wordt vernietigd met opdracht tot hernieuwd onderzoek naar alternatieve bewijsmethoden.