ECLI:NL:RBDHA:2025:5352
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingebrekestelling bij niet tijdig beslissen asielaanvraag
Eiser diende op 19 augustus 2023 een asielaanvraag in Nederland in. De minister verzocht Bulgarije om terugname, wat werd geaccepteerd, maar de overdracht aan Bulgarije vond niet tijdig plaats. Hierdoor werd Nederland per 19 april 2024 verantwoordelijk voor de behandeling van de aanvraag, met een beslistermijn van zes maanden tot 19 oktober 2024.
Eiser stelde de minister op 4 december 2024 schriftelijk in gebreke wegens het niet tijdig beslissen en diende vervolgens beroep in tegen het uitblijven van een besluit. Echter, sinds 27 januari 2023 geldt het besluit WBV 2023/3, dat de beslistermijn voor asielaanvragen ingediend tussen 1 januari 2023 en 1 januari 2024 met negen maanden verlengt. Hierdoor was de beslistermijn op het moment van ingebrekestelling nog niet verstreken.
De rechtbank oordeelde dat de ingebrekestelling prematuur was en dat niet aan de voorwaarden voor beroep tegen niet tijdig beslissen was voldaan. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk zonder inhoudelijke toetsing van het beroep of het moratorium voor Syrië. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.