Eiseres diende op 6 februari 2023 een asielaanvraag in, die de minister op 17 februari 2025 afwees als kennelijk ongegrond. De minister stelde dat eiseres haar identiteit, nationaliteit en herkomst niet geloofwaardig had aangetoond, onder meer vanwege twijfel over de authenticiteit van haar Somalische geboorteakte en het bestaan van een frauduleus Keniaans paspoort.
De rechtbank overwoog dat de minister terecht weinig waarde hechtte aan de Somalische documenten vanwege het algemeen ambtsbericht Somalië en het ontbreken van identificerende documenten. De minister baseerde zich op het Keniaanse paspoort en EU-visgegevens, waaruit bleek dat eiseres in september 2022 op de Spaanse ambassade in Nairobi was geweest, hetgeen eiseres ontkende zonder voldoende bewijs.
Eiseres voerde aan dat het paspoort niet echt is en dat het onderzoek van de minister onvolledig was, maar de rechtbank vond dat de minister voldoende onderzoek had gedaan, waaronder een REK-check van het individueel ambtsbericht. De rechtbank concludeerde dat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat haar identiteit en nationaliteit anders zijn dan in het Keniaanse paspoort vermeld.
Daarom bleef de afwijzing van de asielaanvraag in stand, met een terugkeerbesluit en een inreisverbod van twee jaar. Eiseres kreeg geen proceskostenvergoeding. De uitspraak werd gedaan door rechter H. Hanssen - Telman op 4 april 2025.