ECLI:NL:RBDHA:2025:5656
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening afgewezen
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag op grond van de Dublinverordening.
De rechtbank heeft het beroep zonder zitting behandeld en concludeert dat de minister terecht heeft gehandeld. Uit jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State blijkt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Frankrijk geldt, ondanks enkele gerapporteerde tekortkomingen in opvang en procedure. Eiser is niet geslaagd in het aannemelijk maken van structurele en ernstige tekortkomingen die een reëel risico op schending van fundamentele rechten opleveren.
Ook de stelling dat eiser geen juridische bijstand heeft gehad en daardoor niet wist hoe te klagen, leidt niet tot een ander oordeel. De minister hoefde geen nader onderzoek te doen en mocht de aanvraag niet in behandeling nemen. Het beroep is ongegrond verklaard en eiser mag worden overgedragen aan Frankrijk.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard en de overdracht aan Frankrijk blijft in stand.