ECLI:NL:RBDHA:2025:6467
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijkheid homoseksuele geaardheid en afvalligheid Islam
Eiser, een Iraanse asielzoeker, diende op 25 januari 2023 een herhaalde asielaanvraag in met als grond dat hij homoseksueel is en afvallig van de Islam. De minister wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, omdat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zijn homoseksuele geaardheid geloofwaardig was en dat zijn afvalligheid een wezenlijk onderdeel van zijn religieuze identiteit vormt.
De rechtbank overwoog dat in opvolgende asielprocedures niet alle eerder ongeloofwaardig bevonden verklaringen opnieuw hoeven te worden gewogen, maar dat nieuwe elementen moeten worden beoordeeld. Eiser had enkel een nieuwe relatie aangevoerd, maar geen nieuwe feiten of omstandigheden die eerdere tegenstrijdigheden verklaren. Zijn verklaringen waren algemeen en weinig gedetailleerd, en zijn gevoelens niet voldoende inzichtelijk gemaakt.
Daarnaast achtte de rechtbank dat de afvalligheid van de Islam niet zwaarwegend genoeg was om een reëel risico op vervolging aan te nemen. Eiser had niet aannemelijk gemaakt dat hij zijn afvalligheid bij terugkeer openlijk zou uiten, terwijl dit noodzakelijk is om bescherming te rechtvaardigen. De minister had terecht geoordeeld dat van eiser terughoudendheid mag worden verwacht.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en liet het bestreden besluit in stand. Eiser kreeg geen vergoeding van proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter B. Fijnheer op 17 maart 2025.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en handhaaft de afwijzing van de asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijkheid van de homoseksuele geaardheid en afvalligheid.