Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 2 november 2019. Verweerder heeft de aanvraag uiteindelijk op 3 juli 2020 ingewilligd. Eiser handhaaft het beroep met het oog op het vaststellen van een bestuurlijke dwangsom.
De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn van zes maanden op grond van artikel 42 Vreemdelingenwet Pro 2000 niet is verlengd door verweerder, waardoor de beslissing uiterlijk op 6 mei 2020 had moeten plaatsvinden. Door de Covid-19 maatregelen was verweerder van 16 maart tot 16 mei 2020 echter overmachtig en kon de beslistermijn worden opgeschort.
Hierdoor verlengde de beslistermijn zich tot 6 juli 2020, waarna verweerder gebruik maakte van de wettelijke mogelijkheid tot verlenging tot 16 januari 2021. De ingebrekestelling van 11 mei 2020 was daarom prematuur en het beroep is niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen bestuurlijke dwangsom verbeurd en geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de ingebrekestelling prematuur was en de asielaanvraag inmiddels is ingewilligd.