ECLI:NL:RBDHA:2025:7016

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
25 april 2025
Publicatiedatum
25 april 2025
Zaaknummer
NL24.44493
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Richtlijn 2001/55/EG
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tijdelijke bescherming onder Richtlijn 2001/55/EG

Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor tijdelijke bescherming in Nederland op grond van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming 2001/55/EG. De minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvraag bij besluit van 23 mei 2024 afgewezen. Vervolgens heeft de minister het bezwaar van verzoeker ongegrond verklaard bij besluit van 7 november 2024, waarmee de afwijzing is gehandhaafd.

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit en tegelijkertijd een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter stelt vast dat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL24.44492), waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is.

Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de voorzieningenrechter M. Munsterman en is openbaar gemaakt zonder mogelijkheid tot hoger beroep of verzet.

Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.44493

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam], V-nummer: [v-nummer], verzoeker,

(gemachtigde: mr. H.A. Limonard),
en

de minister van Asiel en Migratie,

(gemachtigde: mr. A.J. Rossingh).

Procesverloop

1. De minister heeft de aanvraag van verzoeker om verlening van tijdelijke bescherming in Nederland onder de Richtlijn Tijdelijke Bescherming 2001/55/EG (hierna: ‘de Richtlijn’) bij besluit van 23 mei 2024 afgewezen. Met het bestreden besluit van 7 november 2024 heeft de minister het bezwaar van verzoeker ongegrond verklaard en is de minister bij de afwijzing van de aanvraag gebleven.
1.1.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.44492, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening hangende beroep is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening daarom af.
2.1.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Conclusie en gevolgen

3. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Munsterman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. D.G. van den Berg, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.