ECLI:NL:RBDHA:2025:7177
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.S. Gaastra
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling
De rechtbank Den Haag heeft op 25 april 2025 uitspraak gedaan in het bestuursrechtelijke beroep van eiser tegen het voortduren van een maatregel van bewaring op grond van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel was op 16 januari 2025 opgelegd en eerder getoetst bij uitspraak van 4 februari 2025.
De rechtbank beoordeelde of de maatregel sinds het sluiten van het onderzoek op 28 januari 2025 onrechtmatig was geworden. Eiser stelde dat de minister onvoldoende voortvarend had gehandeld bij het verkrijgen van een laissez passer, met name door het ontbreken van een specifieke rappellering voor een persoonlijke presentatie bij de Algerijnse autoriteiten.
De rechtbank oordeelde dat de minister voldoende voortvarend had gehandeld door meerdere rappelleringen bij de Algerijnse en Marokkaanse autoriteiten en het voeren van vertrekgesprekken met eiser. Het ontbreken van een specifieke rappellering voor een persoonlijke presentatie was niet onrechtmatig, mede omdat onduidelijk was of deze presentatie noodzakelijk was.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak stond geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.