ECLI:NL:RBDHA:2025:7480
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tegen uitzettingsbesluit verblijfsvergunning familie en gezin
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om haar aanvraag voor een verblijfsvergunning met het verblijfsdoel 'familie en gezin' af te wijzen. Zij verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen.
De zaak werd buiten zitting afgedaan nadat partijen toestemming hadden gegeven op grond van artikel 8:57 Awb Pro. De minister stelde zich niet verzet tegen de toewijzing van de voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat uitzetting in deze fase niet passend is en schorst het primaire besluit. De minister wordt verboden verzoekster uit Nederland te verwijderen tot vier weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar. Tevens worden de proceskosten van verzoekster toegewezen.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en het uitzettingsbesluit geschorst tot vier weken na de beslissing op bezwaar.