ECLI:NL:RBDHA:2025:7589
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I.A.M. van Boetzelaer - Gulyas
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardige gedwongen rekrutering door Al-Shabaab
Eiser, een Somalische minderjarige, verzocht asiel na te zijn ontsnapt aan een vermeend gedwongen rekruteringstrainingkamp van Al-Shabaab. Hij stelde dat hij vanwege deze situatie en de dreiging van Al-Shabaab niet kon terugkeren naar Somalië. De minister wees de aanvraag af wegens gebrek aan geloofwaardigheid en onvoldoende bewijs van een reëel risico.
De rechtbank behandelde het beroep en concludeerde dat de minister voldoende rekening had gehouden met het referentiekader van de toen 15-jarige eiser. Het beroep om de behandeling aan te houden vanwege prejudiciële vragen werd afgewezen omdat deze niet relevant waren voor de specifieke omstandigheden van eiser.
De rechtbank oordeelde dat de minister terecht de gedwongen rekrutering ongeloofwaardig achtte, mede vanwege tegenstrijdigheden in verklaringen en het ontbreken van bewijs dat Al-Shabaab effectief de macht had in de woonplaats van eiser in de relevante periode. Ook het risico op ernstige schade bij terugkeer werd niet aannemelijk gemaakt.
Daarom bleef de afwijzing van de asielaanvraag in stand en werd het beroep ongegrond verklaard. Eiser kreeg geen vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardige gedwongen rekrutering en onvoldoende risico op ernstige schade bij terugkeer.