ECLI:NL:RBDHA:2025:8080
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen voortduren maatregel van vreemdelingenbewaring ongegrond verklaard
De minister van Asiel en Migratie heeft op 11 december 2024 aan eiser een maatregel van vreemdelingenbewaring opgelegd op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser heeft hiertegen beroep ingesteld met het verzoek om opheffing van de bewaring en schadevergoeding.
De rechtbank Den Haag heeft het beroep op 2 mei 2025 behandeld via telehoren waarbij eiser op het detentiecentrum in Rotterdam aanwezig was en zijn gemachtigde in Groningen. Na het onderzoek heeft de rechtbank het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
De rechtbank heeft overwogen dat het zicht op uitzetting naar Algerije nog steeds bestaat, ondanks het ontbreken van reactie op een laissez-passer aanvraag bij de Libische autoriteiten. Tevens is geen aanleiding gezien om een lichter middel toe te passen, ook niet vanwege de lange duur van de bewaring en eerdere strafrechtelijke detentie van eiser. De rechtbank acht de voortzetting van de bewaring niet onrechtmatig en wijst het beroep af.
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.