Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een minderjarige met de Gambiaanse nationaliteit, diende op 25 augustus 2023 een asielaanvraag in in Nederland. Hij stelde dat hij vanwege zijn homoseksuele gerichtheid en de dreiging van mishandeling of dood in Gambia asiel nodig had. De aanvraag werd op 25 november 2024 afgewezen wegens ongeloofwaardigheid van zijn verklaringen over zijn seksuele geaardheid.
De rechtbank behandelde het beroep op 4 april 2025 en oordeelde dat verweerder adequaat rekening had gehouden met het jonge leeftijdsreferentiekader van eiser, diens verlegenheid en beperkte vermogen om exacte data te noemen. De verklaringen van eiser werden als summier en oppervlakkig beoordeeld, zonder samenhangend inzicht in zijn gevoelens en ontwikkeling.
Daarnaast werd vastgesteld dat eiser geen identiteitsbewijs kon overleggen dat zijn achternaam bevestigde en dat de geboorteakte onvoldoende bewijs vormde. Het onderzoek naar adequate opvang in Gambia was nog niet afgerond, waardoor het bestreden besluit niet als terugkeerbesluit geldt en eiser voorlopig rechtmatig verblijf heeft.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en dat eiser geen proceskostenvergoeding ontvangt. De uitspraak werd gedaan door rechter K.M. de Jager op 12 mei 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.