Eiseres, afkomstig uit Somalië, diende op 9 juni 2023 een asielaanvraag in die door de minister op 26 maart 2025 werd afgewezen. Zij stelde te zijn ontvoerd, mishandeld en verkracht door leden van Al-Shabaab en vreesde om bij terugkeer te worden vermoord. De minister achtte de identiteit geloofwaardig, maar verwierp de geloofwaardigheid van de problemen met Al-Shabaab vanwege vermeende inconsistenties en gebrek aan objectieve bewijsstukken.
De rechtbank oordeelde dat de minister ten onrechte het referentiekader van eiseres, waaronder aspecten als leeftijd, geslacht, opleiding en culturele achtergrond, niet kenbaar heeft beschreven en betrokken bij de beoordeling van haar asielrelaas. Dit vormde een motiveringsgebrek dat het besluit onvoldoende rechtvaardigde.
Daarom vernietigde de rechtbank het besluit en bepaalde dat de minister binnen vier weken een nieuw besluit moet nemen, waarbij het referentiekader wel adequaat wordt betrokken. Tevens werd de minister veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiseres.