Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
hij op of omstreeks 18 maart 2023 te Leiden, althans in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening weg te nemen sieraden en/of geld en/of goederen van zijn/hun gading, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of haar mededader(s), en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer] , te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan (een) andere deelnemer(s) van dat misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen
- zich als klant van de juwelierszaak van die [slachtoffer] heeft voorgedaan en/of bij die juwelierszaak heeft aangebeld en/of (daarmee) die [slachtoffer] heeft bewogen de deur van zijn juwelierszaak te openen en/of
- (vervolgens) die juwelierszaak heeft betreden en/of zichtbaar voor die [slachtoffer] een op een vuurwapen gelijkend voorwerp vast heeft gehouden en/of
- (vervolgens) (met een vuurwapen gelijkend voorwerp) heeft geprobeerd de vitrines in voornoemde juwelierszaak in te slaan
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
hij op of omstreeks 9 mei 2023 te Amsterdam een wapen van categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een omgebouwd gaspistool (merk Blow, model P29, kaliber 7.65mm) en/of munitie van categorie III, te weten 8 stuks pistoolpatronen (merk Sellier & Bellot, Kaliber 7,65 mm) voorhanden heeft gehad.
3.De bewijsbeslissing
driver(bestuurder) en de ander had het plan bedacht. Het vuurwapen was van die persoon afkomstig, dus van degene die de leiding had en die persoon gaf het wapen in de auto. [medeverdachte 2] heeft ook verklaard dat de medeverdachte – de rechtbank begrijpt: [medeverdachte 3] – en hij na de (poging) overval zijn opgehaald door de persoon die hen ook heeft gebracht. Deze persoon wist waar hij moest zijn, omdat de medeverdachte die niet mee was met de overval de bestuurder had gebeld, en had gezegd waar ze stonden.
hij op 18 maart 2023 te Leiden, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke
toe-eigeningweg te nemen sieraden, toebehorende aan [slachtoffer] , en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en te doen vergezellen van bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer] , te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken,
hij op 9 mei 2023 te Amsterdam een wapen van categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een omgebouwd gaspistool (merk Blow, model P29, kaliber 7.65mm) en munitie van categorie III, te weten 8 stuks pistoolpatronen (merk Sellier & Bellot, Kaliber 7,65 mm) voorhanden heeft gehad.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De op te leggen straffen
7.De vordering van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
8.De inbeslaggenomen voorwerpen
9.De vordering tot tenuitvoerlegging
10.De toepasselijke wetsartikelen
11.De beslissing
jeugddetentievoor de duur van
90 (negentig) dagen;
18 (achttien) dagenniet ten uitvoer zal worden gelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op
een jaarvastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
taakstraf, bestaande uit een
werkstraf, zijnde het verrichten van onbetaalde arbeid, voor de duur van
100 (honderd) uren;
50 (vijftig) dagen;
20 uren,subsidiair 10 dagen vervangende jeugddetentie, opgelegd bij vonnis van de kinderrechter van de rechtbank Amsterdam in de zaak met parketnummer 13-128653-22;
80 uren, subsidiair 40 dagen jeugddetentie, opgelegd bij arrest van het Gerechtshof te Amsterdam in de zaak met parketnummer 23-001025-22;