ECLI:NL:RBDHA:2025:9425
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling zonder zicht op uitzetting
De rechtbank Den Haag heeft op 20 mei 2025 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin eiser beroep instelde tegen het voortduren van een maatregel van bewaring op grond van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel was opgelegd op 10 december 2024 en was eerder door de rechtbank getoetst op rechtmatigheid.
De rechtbank beoordeelde of sinds het sluiten van het onderzoek op 4 april 2025 de maatregel nog rechtmatig was. Eiser stelde dat er geen redelijk zicht op uitzetting bestond naar Algerije en Marokko, wat strijd zou opleveren met artikel 15, vierde lid, van de Terugkeerrichtlijn. De rechtbank stelde dat er in algemene zin wel zicht op uitzetting bestaat en dat de autoriteiten van beide landen nog bezig zijn met de afgifte van laissez-passer documenten. Eiser had dit niet voldoende onderbouwd.
Na ambtshalve toetsing vond de rechtbank geen redenen om de rechtmatigheid van de maatregel te betwijfelen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.