ECLI:NL:RBDHA:2025:9469
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende persoonlijk risico op gedwongen rekrutering door Houthi’s in Jemen
Eiser, een Jemenitische minderjarige, verzocht om asiel vanwege vrees voor gedwongen rekrutering door de Houthi’s, die zijn familie onder druk zetten vanwege het werk van zijn broer bij de Amerikaanse ambassade. De minister wees de aanvraag af omdat het persoonlijke risico onvoldoende aannemelijk was en de algemene veiligheidssituatie in Jemen geen aanleiding gaf tot een verblijfsvergunning.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende concrete aanwijzingen had overlegd waaruit blijkt dat hij persoonlijk risico loopt op gedwongen rekrutering, mede omdat hij tot zijn vertrek in Jemen bij zijn ouders kon wonen en legaal het land verliet via een gebied buiten Houthi-controle. Het ambtsbericht Jemen ondersteunde het standpunt dat rekrutering vooral plaatsvindt op lokaal niveau en gericht is op analfabeten uit de armste bevolkingslagen, wat niet op eiser van toepassing is.
Daarnaast stelde de rechtbank vast dat de minister terecht aannam dat eiser bij terugkeer kan rekenen op opvang door zijn ouders, ondanks de erbarmelijke leefomstandigheden. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de afwijzing van de asielaanvraag bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de aanvraag blijft afgewezen.