ECLI:NL:RBDHA:2025:9660
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot oplegging dwangakkoord in problematische schuldensituatie
De heer [naam 1] bevindt zich in een problematische schuldensituatie met een totale schuldenlast van €66.730,95 verdeeld over negen schuldeisers. Hij heeft een schuldregeling voorgesteld waarbij een deel van de vordering wordt voldaan en het restant wordt kwijtgescholden. Acht schuldeisers gingen akkoord, maar één schuldeiser, de heer [naam 2], stemde niet in vanwege de aard van zijn vordering die voortvloeit uit een verstekvonnis en de persoonlijke omstandigheden rondom de schade.
De rechtbank heeft het verzoek van de heer [naam 1] tot oplegging van een dwangakkoord behandeld en vastgesteld dat de schuldbemiddeling door een bevoegde instantie, de gemeente Den Haag, correct is uitgevoerd. De belangenafweging wees uit dat het onredelijk is dat de heer [naam 2] weigert in te stemmen met het voorstel, dat het maximaal haalbare is op basis van de arbeidsongeschiktheid van de heer [naam 1].
De rechtbank erkent het begrijpelijke verweer van de heer [naam 2], maar stelt dat de belangen van alle schuldeisers en het perspectief op een schuldenvrije toekomst voor de heer [naam 1] zwaarder wegen. Het verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) wordt afgewezen omdat het dwangakkoord wordt toegewezen en de WSNP in dit geval geen betere uitkering aan schuldeisers biedt.
De rechtbank beveelt de heer [naam 2] om in te stemmen met de schuldregeling en wijst het WSNP-verzoek af. Tegen deze uitspraak kan binnen acht dagen hoger beroep worden ingesteld.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot oplegging van het dwangakkoord toe en beveelt de schuldeiser tot instemming met de schuldregeling.