ECLI:NL:RBDHA:2025:9821
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Wit-Russische asielzoeker wegens ongeloofwaardigheid relaas
Eiser, een Wit-Russische asielzoeker, vroeg in januari 2022 asiel aan in Nederland. Hij stelde dat hij vanwege het vermijden van militaire dienst en vervolging door de Wit-Russische autoriteiten, waaronder gedwongen opname in een psychiatrische inrichting en intimidatie, bescherming nodig had. De minister van Asiel en Migratie wees zijn aanvraag af wegens gebrek aan geloofwaardigheid.
De rechtbank beoordeelde dat eiser onvoldoende bewijs leverde en zijn verklaringen inconsistent waren. Hij leverde geen overtuigende documenten aan en gaf tegenstrijdige verklaringen over zijn detentie en de reden daarvan. Ook was het onwaarschijnlijk dat hij legaal uit Wit-Rusland kon vertrekken terwijl hij beweerde gezocht te worden.
De rechtbank oordeelde dat de minister terecht niet geloofde dat eiser in negatieve aandacht stond van de autoriteiten of nog militaire dienst moest vervullen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit tot afwijzing van de asielaanvraag blijft in stand.