Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, is op 20 oktober 2025 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft het onderzoek gesloten op 21 januari 2026 zonder zitting.
Eiser betoogt dat er geen zicht is op uitzetting naar Marokko omdat hij niet voorkomt in de registers van de Marokkaanse autoriteiten en zijn nationaliteit niet wordt erkend. Verweerder heeft echter een lp-aanvraag ingediend bij de Algerijnse autoriteiten en rappelleerde schriftelijk, wat nog in afwachting is. Eiser weigerde bovendien een vertrekgesprek met de Dienst Terugkeer en Vertrek.
De rechtbank oordeelt dat verweerder voldoende voortvarend handelt en dat de maatregel van bewaring rechtmatig is gebleven gedurende de te beoordelen periode. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.