ECLI:NL:RBDHA:2026:10096
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig beslissen op asielaanvraag
In deze bestuursrechtelijke procedure heeft eiseres een tweede beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag van 19 november 2024. Eerder had de rechtbank de minister al een beslistermijn van zestien weken opgelegd en een dwangsom verbonden aan het niet tijdig beslissen.
De rechtbank constateert dat de beslistermijn nog niet was verstreken op het moment van het tweede beroep, dat op 31 maart 2026 werd ingediend terwijl de termijn pas op 25 mei 2026 afloopt. Hierdoor is het beroep prematuur en voldoet het niet aan de ontvankelijkheidseisen.
De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk en wijst de vordering af zonder proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
De procedure is gebaseerd op de Algemene wet bestuursrecht en de Vreemdelingenwet 2000, waarbij vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State wordt gevolgd. Eiseres wordt gewezen op de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard omdat het te vroeg is ingediend.