AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Wijziging geslachtsvermelding in geboorteakte naar 'X' en voornaamswijziging zonder deskundigenverklaring
Verzoekster heeft bij de rechtbank Den Haag een verzoek ingediend tot wijziging van de geslachtsvermelding in haar geboorteakte naar 'X' en tot wijziging van haar voornaam. De rechtbank heeft kennisgenomen van het verzoekschrift, diverse correspondentie en verklaringen van een psychiater en huisarts die de non-binaire genderidentiteit van verzoekster onderbouwen.
Hoewel de wet op dit moment geen expliciete mogelijkheid biedt voor een genderneutrale registratie, past de rechtbank artikel 1:28 totPro en met 1:28c BW analoog toe. De rechtbank weegt het individuele belang van verzoekster zwaarder dan het algemene belang van strikte wettelijke handhaving, mede gezien het ontbreken van verweer door de ambtenaar en de stagnerende wetgevende ontwikkelingen.
De rechtbank accepteert de verklaringen van de psychiater en huisarts als voldoende onderbouwing, ook al voldoen deze niet volledig aan de formele eisen van artikel 1:28a BW. De rechtbank gelast de ambtenaar van de burgerlijke stand om de geslachtsvermelding te wijzigen naar 'X' en wijst tevens het verzoek tot voornaamswijziging toe. Het subsidiaire verzoek tot geslachtswijziging naar '-' behoeft daardoor geen beoordeling meer.
Uitkomst: Verzoek tot wijziging geslachtsvermelding naar 'X' en voornaamswijziging wordt toegewezen.
Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 24-6060
Zaaknummer: C/09/671421
Datum beschikking: 7 april 2026
Wijziging vermelding geslacht in geboorteakte en voornaamswijziging
Beschikking op het op 20 augustus 2024 ingekomen verzoekschrift van:
[verzoekster] ,
verzoekster, hierna te noemen :[verzoekster] ,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat mr. K.M. Smienk, advocaat te De Meern.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage,
zetelend te ’s-Gravenhage,
de ambtenaar.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
- het verzoekschrift, met bijlagen;
- de brief van 25 november 2024 van de ambtenaar;
- het bericht van 2 december 2024 namens [verzoekster] ;
- de brief van 16 december 2024 van de ambtenaar;
- het bericht van 1 augustus 2025, met bijlage, namens [verzoekster] .
Op 4 augustus 2025 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: [verzoekster] , bijgestaan door haar advocaat en [naam 1] en
[naam 2] , begeleiders van [verzoekster] vanuit RIBW Nijmegen. De ambtenaar is niet op de
zitting verschenen.
Na de zitting heeft de rechtbank ontvangen:
- het bericht van 16 augustus 2025, met bijlage, namens [verzoekster] ;
- de brief van 16 augustus 2025, namens [verzoekster] , inhoudende wijziging van het
verzoek;
- het bericht van 16 september 2025, met bijlage, namens [verzoekster] .
Verzoek en verweer
Het verzoek strekt tot:
Primair:
- het gelasten van de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente 's-Gravenhage om aan de geboorteakte van [verzoekster] een latere vermelding toe te voegen van wijziging van het geslacht, in die zin dat het geslacht ‘X’ zal zijn;
- dat de rechtbank last geeft tot wijziging van de voornamen van [verzoekster] van “ [voornaam 1] ” in de voornaam “ [voornaam 2] ”;
Subsidiair:
- het gelasten van de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente 's-Gravenhage om aan de geboorteakte van [verzoekster] een latere vermelding toe te voegen van wijziging van het geslacht, in die zin dat het geslacht ‘-’ zal zijn;
een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
De ambtenaar refereert zich aan het oordeel van de rechtbank.
Feiten
- [verzoekster] heeft in ieder geval de Nederlandse nationaliteit.
- Blijkens een afschrift van een akte van inschrijving van rechterlijke uitspraak, aktenummer: [aktenummer] , van het jaar 2005, van de burgerlijke stand van de gemeente 's-Gravenhage opgemaakt op 23 maart 2005, is op [geboortedatum] 2001 geboren: [voornaam 1] , te [geboorteplaats] , [land] .
- Blijkens een afschrift van een akte latere vermelding betreffende adoptie en voornaamswijziging, vervolgblad 1 van aktenummer [aktenummer] /2005, opgemaakt op 23 maart 2005 door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage, is de geslachtsnaam van [verzoekster] vastgesteld als “ [verzoekster] ” en de voornamen van [verzoekster] in “ [voornaam 1] ”.
Beoordeling
Bevoegdheid en toepasselijk recht
Omdat [verzoekster] in Nederland woont, heeft de Nederlandse rechter op grond van artikel 3 vanPro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) rechtsmacht om kennis te nemen van het verzoek tot wijziging van het geslacht van verzoeker.
De rechtbank Den Haag is relatief bevoegd aangezien het verzoek ziet op wijziging van een akte die is ingeschreven in het arrondissement van de rechtbank Den Haag.
Op het verzoek tot wijziging van het geslacht van [verzoekster] is Nederlands recht van toepassing, omdat verzoeker de Nederlandse nationaliteit heeft.
Inhoudelijke beoordeling
Wijziging vermelding geslacht
Ter onderbouwing van het verzoek voert [verzoekster] aan dat na een lange zoektocht duidelijk is geworden dat [verzoekster] zich niet identificeert specifiek als man of specifiek als vrouw. [verzoekster] heeft een non-binaire beleving van diens gender. [verzoekster] heeft hier in een brief een nadere toelichting op gegeven. Voor [verzoekster] is het belangrijk dat de juridische werkelijkheid in overeenstemming wordt gebracht met diens sociale en dagelijkse werkelijkheid. Om die reden verzoekt [verzoekster] primair om de Ambtenaar van de Burgerlijke Stand te gelasten om aan diens geboorteakte een latere vermelding van wijziging van het geslacht toe te voegen, waarbij het geslacht zal worden aangeduid met ‘X’.
De rechtbank overweegt dat de wet op dit moment geen mogelijkheid biedt om het onderhavige verzoek toe te wijzen, aangezien er geen wettelijke bepaling bestaat die het voor non-binaire personen mogelijk maakt zich als genderneutraal te registreren. Voor transgenders is het evenwel mogelijk om de geslachtsaanduiding op grond van artikel 1:28 totPro en met 1:28c van het Burgerlijk Wetboek (BW) te verbeteren, maar daarbij kan alleen worden gekozen voor “vrouwelijk (F)” of “mannelijk (M)” en niet voor een genderneutrale optie.
Zoals in de uitspraak van deze rechtbank van 16 december 2025 (ECLI:NL:RBDHA:2025:24053) is toegelicht levert het ontbreken van deze mogelijkheid een ongeoorloofde onderscheid op tussen transgender en genderneutrale personen en aldus een onderscheid naar geslacht zoals bedoeld in artikel 26 vanPro het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR) en artikel 1 lid 2 vanPro het Protocol nummer 12 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM).
De rechtbank is van oordeel dat, gelet op het verzoek van [verzoekster] , het feit dat de ambtenaar op dit punt uiteindelijk geen verweer voert en mede gelet op de (stagnerende) ontwikkelingen bij de wetgever, het individuele belang van [verzoekster] bij de mogelijkheid tot verbetering van de geboorteakte zwaarder weegt dan het algemene belang van strikte handhaving van de huidige wettelijke regeling.
De rechtbank zal artikel 1:28 totPro en met 1:28c BW daarom analoog toepassen op het verzoek van [verzoekster] .
Deskundigenverklaring
Op grond van artikel 1:28a BW moet bij een verzoek om wijziging van het geslacht naar het andere geslacht in de geboorteakte een deskundigenverklaring worden overgelegd. Bij analoge toepassing van dit artikel in situaties waarin iemand zich identificeert als non-binair, is in beginsel dus een deskundigenverklaring vereist. Die verklaring houdt in dat de betrokkene bij de deskundige heeft verklaard de overtuiging te hebben een genderneutraal geslacht te hebben en er tegenover de deskundige blijk van heeft gegeven diens voorlichting omtrent de reikwijdte en de betekenis van deze staat te hebben begrepen en de wijziging van de vermelding van het geslacht in de akte van geboorte weloverwogen te blijven wensen. Uit het “Besluit aanwijzing deskundigen transgenders” blijkt dat er maar enkele deskundigen zijn aangewezen die deze verklaring mogen afgeven.
[verzoekster] heeft een verklaring overgelegd van 14 augustus 2025 van [naam 3] , psychiater, psychotherapeut bij Pro Persona, en een verklaring van diens huisarts [naam 4] , van 15 september 2025, waaruit blijkt dat bij [verzoekster] sprake is van een duurzame overtuiging zich niet met één gender te identificeren en om die reden een non-binaire beleving van diens gender heeft.
Hoewel de overgelegde verklaringen niet volledig voldoen aan de deskundigenverklaring in de zin van artikel 1:28a BW, is in de hiervoor genoemde uitspraak van deze rechtbank toegelicht dat en waarom de rechtbank niet verlangt dat de deskundigenverklaring voldoet aan de eisen van artikel 1:28a BW. Onder verwijzing naar die motivering komt de rechtbank tot het oordeel dat de verklaringen van psychiater [naam 3] en huisarts [naam 4] kunnen dienen als onderbouwing van het verzoek.
De rechtbank is van oordeel dat [verzoekster] voldoende heeft aangetoond dat die de overtuiging heeft een non-binaire persoon te zijn. In de door de rechtbank geaccepteerde verklaringen leest de rechtbank dat bij [verzoekster] sprake is van een weloverwogen keuze om de vermelding van het geslacht in de geboorteakte te laten wijzigen.
Gelet hierop zal de rechtbank dan ook de ambtenaar gelasten om aan de geboorteakte een latere vermelding toe te voegen van de wijziging van het geslacht in die zin dat het geslacht zal zijn: “X”.
Omdat de rechtbank het primaire verzoek van [verzoekster] toewijst, behoeft het subsidiaire verzoek niet meer te worden beoordeeld.
Voornaamswijziging
Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende gebleken van een zwaarwichtig belang bij toewijzing van het verzoek tot voornaamswijziging. De gevraagde voornaam is geoorloofd naar de maatstaven van artikel 1:4, tweede lid, BW. De rechtbank zal het verzoek derhalve toewijzen.
Beslissing
De rechtbank:
*
gelast de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage om aan de geboorteakte van [verzoekster] een latere vermelding toe te voegen van de wijziging van het geslacht in die zin dat het geslacht zal zijn: ‘X’;
*
gelast de wijziging van de voornaam in die zin dat de voornaam zal luiden: “ [voornaam 2] ”.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.C. Olland, rechter, bijgestaan door
mr. M.G. Coopmans-Veraa als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van