ECLI:NL:RBDHA:2026:1172
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen terugkeerbesluit minister
Verzoeker, van Marokkaanse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen een nieuw terugkeerbesluit van de minister van Asiel en Migratie van 31 juli 2025. Tegelijkertijd vroeg verzoeker om een voorlopige voorziening om het besluit tijdelijk te schorsen.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 16 januari 2026 samen met het beroep. Verzoeker was niet aanwezig, maar zijn gemachtigde en die van de minister namen deel aan de zitting. De voorzieningenrechter sloot het onderzoek op zitting.
Op 26 januari 2026 heeft de rechtbank uitspraak gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL25.39996) en het beroep ongegrond verklaard, waardoor het terugkeerbesluit in stand bleef. Gezien deze uitspraak is een voorlopige voorziening niet langer nodig en wijst de voorzieningenrechter het verzoek af.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het beroep ongegrond is verklaard en het terugkeerbesluit in stand blijft.