ECLI:NL:RBDHA:2026:12828
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugkeerbesluit op grond van de Vreemdelingenwet 2000
Eiser, van Braziliaanse nationaliteit, is geconfronteerd met een terugkeerbesluit van de minister van Asiel en Migratie op grond van artikel 62 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, waarbij hij wordt verplicht terug te keren naar Brazilië.
Eiser betoogt dat het terugkeerbesluit onvoldoende is gemotiveerd en dat hij geen gelegenheid heeft gehad om zijn zienswijze te geven. De minister stelt daartegenover dat het besluit wel degelijk voldoende gemotiveerd is en dat eiser zijn zienswijze heeft kunnen geven voorafgaand aan het besluit.
De rechtbank heeft het beroep op 6 mei 2026 behandeld, waarbij eiser en zijn gemachtigde niet zijn verschenen. De rechtbank oordeelt dat de minister terecht heeft vastgesteld dat het terugkeerbesluit voldoende is gemotiveerd en dat eiser in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze te geven. De beroepsgronden slagen niet.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt daarmee het terugkeerbesluit. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.