ECLI:NL:RBDHA:2026:12843
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen terugkeerbesluit naar Brazilië wegens illegaal verblijf
Eiseres, van Braziliaanse nationaliteit, kreeg op 10 november 2025 een terugkeerbesluit opgelegd door de minister van Asiel en Migratie wegens illegaal verblijf. Zij stelde dat het besluit onterecht was vanwege het vertrouwensbeginsel, onvoldoende onderzoek naar veilige terugkeer, en schending van artikel 8 EVRM Pro.
De minister voerde aan dat het besluit voldoende gemotiveerd was, dat de belangen van het kind waren meegewogen en dat er geen reden was om af te zien van het terugkeerbesluit. De rechtbank oordeelde dat eiseres en haar gemachtigde niet op de zitting verschenen en dat de minister zijn standpunten niet weersproken zag.
De rechtbank concludeerde dat het terugkeerbesluit niet in strijd is met het non-refoulementbeginsel, dat het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt wegens het ontbreken van toezeggingen, en dat artikel 8 EVRM Pro niet aan de orde is in deze procedure. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit naar Brazilië wordt ongegrond verklaard wegens voldoende motivering en afwezigheid van strijd met het non-refoulementbeginsel.