Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:13211

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
22 mei 2026
Publicatiedatum
22 mei 2026
Zaaknummer
NL26.6305
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens vertrek met onbekende bestemming in vreemdelingenzaak

Eiser, van Ethiopische nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de minister van Asiel en Migratie van 9 januari 2026. De rechtbank heeft het beroep zonder zitting behandeld omdat het kennelijk niet-ontvankelijk was op grond van artikel 8:54 Awb Pro.

De minister heeft de rechtbank geïnformeerd dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken. De gemachtigde van eiser kon geen contact meer krijgen en eiser verscheen niet op een afspraak. Daarom heeft de gemachtigde verzocht de zaak schriftelijk af te doen.

De rechtbank oordeelt dat door het vertrek van eiser en het ontbreken van contact geen procesbelang meer bestaat. Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. De uitspraak is gedaan door rechter F. Sijens en griffier M.S.G. van der Werf en is openbaar gemaakt op 22 mei 2026.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang door vertrek met onbekende bestemming.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL26.6305

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam eiser]

[geboortedatum eiser],
[V-nummer eiser],
van Ethiopische nationaliteit,
(gemachtigde: mr. J. Oosterhof),
en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.

Inleiding

1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiser tegen het besluit van de minister van 9 januari 2026.
1.1.
Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.
1.2.
Verweerder heeft bij brief van 4 maart 2026 aan de rechtbank laten weten dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken.
1.3.
De gemachtigde van eiser heeft bij bericht van 11 maart 2026 aangegeven dat hij geen contact heeft kunnen krijgen met eiser en dat eiser ook niet op een afspraak is verschenen. De gemachtigde heeft verzocht om de zaak schriftelijk af te doen.

Beoordeling door de rechtbank

Nu eiser is vertrokken met onbekende bestemming en er geen contact meer is met zijn gemachtigde is de rechtbank van oordeel dat er geen sprake meer is van procesbelang.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. F. Sijens, rechter, in aanwezigheid van
M.S.G. van der Werf, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:
Informatie over verzet
Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.