Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:13759

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
13 mei 2026
Publicatiedatum
27 mei 2026
Zaaknummer
13-081560-25
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Op tegenspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 240b Sr (oud)Art. 77a SrArt. 77g SrArt. 77i SrArt. 77m Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Jeugddetentie en werkstraf wegens vervaardigen en bezit van kinderporno

De rechtbank Den Haag heeft op 13 mei 2026 uitspraak gedaan in de zaak tegen een minderjarige verdachte die tussen 4 juni 2023 en 20 maart 2024 een gewoonte maakte van het vervaardigen en in bezit hebben van kinderporno. De verdachte had via Snapchat contact met twee minderjarige meisjes die hij onder druk zette om naaktfoto's en beeldbelopnames te sturen, waarvan hij schermopnames maakte. Daarnaast werd op zijn telefoon een grote hoeveelheid kinderpornografisch materiaal aangetroffen.

De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte gedurende ruim negen maanden meer dan 300 afbeeldingen en enkele video's van seksuele gedragingen met minderjarigen vervaardigde en bezat. De verdediging pleitte voor (gedeeltelijke) vrijspraak van het gewoonte maken, maar dit werd verworpen vanwege de intensiteit en duur van het contact en de hoeveelheid materiaal.

Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van het feit, de kwetsbaarheid van de slachtoffers, het blanco strafblad van de verdachte, zijn positieve ontwikkeling en het doorlopen hulpverleningstraject. De verdachte werd veroordeeld tot één dag jeugddetentie (met aftrek van voorarrest) en een werkstraf van 120 uren. De rechtbank vond een langere jeugddetentie niet passend gezien de positieve ontwikkelingen en het tijdsverloop sinds het plegen van de feiten.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot één dag jeugddetentie en 120 uur werkstraf wegens vervaardigen en bezit van kinderporno.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Meervoudige kamer jeugdstrafzaken
Parketnummer: 13-081560-25
Datum uitspraak: 13 mei 2026
Tegenspraak
Vonnis van de rechtbank Den Haag in de zaak tegen de verdachte:
[de verdachte](hierna: de verdachte),
geboren op [geboortedatum] 2006 te [geboorteplaats] (Somalië),
BRP-adres: [adres] .

1.Het onderzoek ter terechtzitting

De strafzaak tegen de verdachte is behandeld op de besloten terechtzitting van 30 april 2026.
De officier van justitie in deze zaak is mr. A.F. Baas en de raadsvrouwen van de verdachte zijn mrs. S.M. Hof en A. Bloemendal te Amsterdam. De verdachte is op de terechtzitting verschenen.

2.De tenlastelegging

De verdenking komt er, kort gezegd, op neer dat de verdachte in de periode van 4 juni 2023 tot en met 20 maart 2024 een gewoonte heeft gemaakt van het vervaardigen en in het bezit hebben van kinderporno.
De volledige tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3.De bewijsbeslissing

3.1
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het tenlastegelegde.
3.2
Het standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft zich namens de verdachte op het standpunt gesteld dat het vervaardigen (ten aanzien van de geïdentificeerde slachtoffers) en het in bezit hebben van kinderporno in de ten laste gelegde periode bewezen kan worden verklaard. Door de raadsvrouw is (partieel) vrijspraak bepleit van het beroep of gewoonte maken daarvan.
3.3
Gebruikte bewijsmiddelen
De rechtbank heeft in bijlage II de wettige bewijsmiddelen met de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden opgenomen.
3.4
Bewijsoverwegingen
Uit het dossier volgt dat op de telefoon van de verdachte in totaal 324 foto’s en 6 video’s van kinderpornografische aard zijn aangetroffen. In het onderzoek naar deze foto’s en video’s zijn twee minderjarige meisjes geïdentificeerd. De verdachte heeft deze slachtoffers via Snapchat leren kennen en hen herhaaldelijk en op dwingende wijze verzocht om naaktfoto’s van zichzelf te sturen. Van de gestuurde foto’s maakte hij schermopnames en daarmee heeft hij de slachtoffers vervolgens (verder) onder druk gezet om meer naaktopnames te sturen. Daarbij dreigde hij het eerder toegestuurde materiaal openbaar te maken. De slachtoffers werden gedwongen om naakt met hem te beeldbellen en ook hier maakte de verdachte schermopnames van. Ten aanzien van het overige kinderpornografisch materiaal dat op zijn telefoon is aangetroffen heeft de verdachte verklaard dat dit op zijn telefoon is gekomen doordat hij in een Telegramgroep zat waarin dit soort materiaal werd verstuurd en dat hij dit heeft bekeken.
De verdediging heeft bepleit dat de verdachte moet worden vrijgesproken van het onderdeel “een gewoonte maken van het vervaardigen en/of in bezit hebben van kinderporno”, omdat het aangetroffen materiaal geen unieke afbeeldingen betreft, de verdachte niet de gehele ten laste gelegde periode ruim 300 afbeeldingen in bezit heeft gehad en er geen sprake was van enige manier van ordenen of een mappenstructuur.
De rechtbank overweegt dat door beide geïdentificeerde slachtoffers is verklaard dat zij in een periode van (ruim) een half jaar bijna iedere dag met de verdachte via beeldbellen contact hadden, waarbij zij zichzelf naakt moesten laten zien en dat de verdachte hiervan schermopnames maakte. Door de verdachte is ter terechtzitting verklaard dat hij met één van de slachtoffers maandenlang wekelijks contact heeft gehad. Gelet op deze duur en de frequentie concludeert de rechtbank dat er sprake is geweest van intensief contact. Uit het dossier blijkt verder dat het kinderpornografisch materiaal tussen 4 juni 2023 en 20 maart 2024 op de telefoon van de verdachte is geplaatst en de verdachte daarmee in een periode van ruim negen maanden een grote hoeveelheid van meer dan 300 foto’s en een aantal video’s aan kinderpornografisch materiaal heeft vervaardigd en in zijn bezit heeft gehad. De daadwerkelijke hoeveelheid aan kinderpornografisch materiaal dat de verdachte heeft vervaardigd, dan wel in bezit heeft gehad is waarschijnlijk hoger. Door de verdachte is immers verklaard dat hij ook naaktopnames heeft verwijderd.
Gelet op de hoeveelheid afbeeldingen die de verdachte heeft vervaardigd en in zijn bezit heeft gehad, de periode waarin in hij dat heeft gedaan en de intensiteit van het contact met de slachtoffers, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte een gewoonte heeft gemaakt van het vervaardigen en het in bezit hebben van kinderpornografisch materiaal. Het verweer van de verdediging wordt daarom verworpen.
Conclusie
De rechtbank is van oordeel dat het ten laste gelegde feit wettig en overtuigend is bewezen. Ten aanzien van het kinderpornografisch materiaal dat is aangetroffen op de telefoon van de verdachte van de onbekend gebleven slachtoffers, komt de rechtbank tot een bewezenverklaring van het in bezit hebben van dit materiaal.
3.5
De bewezenverklaring
De rechtbank verklaart ten laste van de verdachte bewezen dat:
Hij in de periode van 4 juni 2023 tot en met 20 maart 2024 in Nederland, meermalen, afbeeldingen, te weten 324 afbeeldingen en/of foto’s en 6 video’s en/of films – en een gegevensdrager bevattende afbeeldingen – te weten een telefoon (goednummer 3116188)
van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, heeft vervaardigd en/of in bezit heeft gehad,
welke seksuele gedragingen – zakelijk weergegeven – bestonden uit:
Het naakt poseren en zichzelf betasten van een geïdentificeerd slachtoffer die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet hadden bereikt
p. 445-452 proces-verbaal bevindingen aantreffen (KP) afbeeldingen 1 t/m 3
en
Het plegen van ontuchtige handelingen bij zichzelf en het (gedeeltelijk) naakt poseren van een geïdentificeerd slachtoffer die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet hadden bereikt
p. 454-468 proces-verbaal bevindingen aantreffen (KP) afbeeldingen 1 t/m 16
en
(een video-opname van) het door een (onbekende) jongen, die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, met zijn penis vaginaal penetreren van een onbekende volwassen vrouw
p. 397-419 proces-verbaal beschrijving KP algemeen en p. 400-405 - toonmap PV beschrijving KP (algemeen) afbeelding: #01
en
het met de hand/vingers betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of ander lichaamsdeel van een (onbekend gebleven) persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het met de mond/tong betasten en/of aanraken van een ander lichaamsdeel van een (ander (onbekend gebleven) persoon door een (onbekend gebleven) persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of
het met de hand/vingers betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of
borsten van een (onbekend gebleven) persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, bij zichzelf
p. 397-419 proces-verbaal beschrijving KP algemeen en p. 401-406 toonmap PV beschrijving KP (algemeen) afbeelding: #02 t/m #05
en
het geheel of gedeeltelijk naakt poseren door een (onbekend gebleven) persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, en/of poseert in een erotisch getinte houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past waarbij sprake is van een striptease-act/houding en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel en/of de borsten en/of de billen van deze persoon in beeld gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) telkens een onmiskenbare seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling
p. 397-419 proces-verbaal beschrijving KP algemeen en p. 401-407 toonmap PV
beschrijving KP (algemeen) afbeelding: #06 t/m #09
en hij aldus van het plegen van dit misdrijf een gewoonte heeft gemaakt.

4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezenverklaarde is volgens de wet strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.

5.De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6.De op te leggen straf

6.1
De vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot een jeugddetentie voor de duur van 91 dagen, waarvan 90 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren en met aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht. Daarnaast heeft de officier van justitie een taakstraf, bestaande uit een werkstraf van 120 uren, subsidiair 60 dagen jeugddetentie gevorderd.
6.2
Het standpunt van de verdediging
De verdediging heeft verzocht om rekening te houden met het feit dat de verdachte door de veroordeling zijn verblijfsvergunning kan verliezen. Gelet daarop is verzocht om artikel 9a Sr toe te passen. Indien de rechtbank daar niet in meegaat wordt verzocht om bij de strafoplegging te volstaan met een deels voorwaardelijke werkstraf. Hoewel het taakstrafverbod van toepassing is, kan gelet op de jurisprudentie hiervan worden afgeweken, omdat dit strijd kan opleveren met artikelen 37 en 40 van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind.
6.3
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank houdt bij de strafoplegging rekening met de ernst van het gepleegde feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan uit het rapport en tijdens het onderzoek op de terechtzitting is gebleken.
De rechtbank neemt hierbij in het bijzonder het volgende in aanmerking.
Ernst van het feit
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het vervaardigen en in bezit hebben van kinderporno. Een deel van deze afbeeldingen en filmpjes heeft de verdachte gekregen doordat hij contact heeft gehad met twee jonge meisjes van 12 en 13 jaar via Snapchat. Nadat deze meisjes een eerste naaktafbeelding naar hem hadden verstuurd, heeft de verdachte hen vervolgens onder druk gezet om meer te sturen door te dreigen dat hij de foto’s zou verspreiden en zelfs naar één van hun ouders zou sturen. De verdachte was daarbij op de hoogte van de zeer jonge leeftijd van de meisjes. De meisjes hebben zich zodanig onder druk gezet gevoeld dat zij op een gegeven moment (bijna) dagelijks met de verdachte via beeldbellen handelingen bij zichzelf hebben verricht met een seksuele strekking, waarbij zij naakt waren. De verdachte heeft tijdens het beeldbellen schermopnames gemaakt van de meisjes. Omdat de verdachte tegen de meisjes had gezegd dat hun naaktopnames zouden worden verspreid als zij niet deden wat de verdachte wilde, zijn zij uit angst doorgegaan. Het is een feit van algemene bekendheid dat als er eenmaal iets verspreid wordt via het internet, dit moeilijk is te verwijderen en jarenlang, zo niet altijd, kan worden geraadpleegd. De rechtbank rekent het de verdachte aan dat hij onder deze omstandigheden de meisjes maandenlang onder druk heeft gezet om (meer) naaktopnames van hen te vervaardigen. De verdachte heeft verklaard dat hij verschillende keren wilde stoppen, maar door zijn lustgevoelens is doorgegaan en hij is pas gestopt toen de politie zijn telefoon in beslag heeft genomen. Het spreekt voor zich dat minderjarigen op deze jonge leeftijd zeer kwetsbaar zijn en dit een grote impact op hen heeft. Dit blijkt ook wel uit de aangiften, waaruit volgt dat één van de meisjes emotioneel werd tijdens het vertellen van haar verhaal. Het andere meisje heeft uit angst een tijd lang haar verhaal voor zichzelf gehouden en durfde dit niet aan haar ouders te vertellen.
Ook is er op de telefoon van de verdachte kinderpornografisch materiaal aangetroffen van minderjarige slachtoffers die onbekend zijn gebleven. Met het bezit van kinderpornografisch materiaal op zijn telefoon heeft de verdachte de norm die strekt tot de bescherming van kinderen tegen seksueel misbruik in ernstige mate geschonden. Voor een effectieve bestrijding van kinderporno is het noodzakelijk om niet alleen het vervaardigen hiervan te bestraffen, maar ook de personen die deze afbeeldingen/filmpjes bekijken en downloaden. Het bekijken en downloaden draagt immers bij aan de instandhouding van een markt voor dit verwerpelijke materiaal. De verdachte heeft zich hier niet door laten weerhouden.
Strafblad
De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafblad van de verdachte van 23 april 2026, waaruit blijkt dat hij niet eerder is veroordeeld voor het plegen van strafbare feiten. Dit heeft verder geen invloed op de strafoplegging, omdat een blanco strafblad het uitgangspunt is.
Persoon van de verdachte
De rechtbank heeft kennisgenomen van het rapport van de Raad van 23 april 2026 en de mondelinge toelichting die daarop door de deskundige ter zitting is gegeven. Daaruit volgt – kort samengevat – dat het algemeen recidiverisico wordt ingeschat als midden. De kans op herhaling van het plegen van een seksueel delict wordt ingeschat als laag. Er zijn veel beschermende factoren aanwezig die de kans op herhaling verkleinen. Zo woont de verdachte sinds drie jaar bij een woonvoorziening voor alleenstaande minderjarige statushouders. De verdachte houdt zich daar aan de regels en heeft goed contact met zijn mentor. Binnenkort zal hij verhuizen naar zijn eigen studio, waarbij de ambulante begeleiding van de mentor zal doorlopen. Vorige zomer heeft de verdachte zijn mbo niveau 1 afgerond. Komend schooljaar wil hij starten met een mbo niveau 2 opleiding. Op dit moment heeft de verdachte dagbesteding in de vorm van werk, waarbij hij vier dagen per week in een magazijn werkt. De verdachte heeft prosociale vrienden waarmee hij in zijn vrije tijd sport en gamet. Daarnaast heeft hij positieve contacten met meerdere volwassenen om hem heen. Ten aanzien van het tenlastegelegde neemt de verdachte volledige verantwoordelijkheid en heeft hij spijt van zijn gedrag. Hij heeft in een vrijwillig kader een hulpverleningstraject bij de Waag gevolgd, omdat hij herhaling wil voorkomen. Tijdens zijn behandeling heeft de verdachte met zijn therapeut gesproken over de reden waarom hij tot dit gedrag is gekomen, zijn er veiligheidsafspraken gemaakt en is seksuele voorlichting gegeven over wensen en grenzen in (intiem) contact met anderen. Vanwege nare ervaringen in zijn verleden, is er ook traumabehandeling ingezet. Daarnaast heeft de verdachte deelgenomen aan mediationgesprekken met één van de slachtoffers vanuit de rechtbank, maar dit is zonder overeenstemming afgesloten. Hoewel er ook risicofactoren worden gezien in het feit dat de verdachte wordt verdacht van seksueel agressief gedrag, waarbij hij de grenzen van een ander op seksueel gebied niet heeft gerespecteerd, worden deze factoren minder zwaarwegend geacht vanwege zijn houding en het hulpverleningstraject dat is ingezet. Om de kans op herhaling laag te houden, is het nodig dat de verdachte de mogelijkheid en de ruimte krijgt om zelfstandig te worden. Een onvoorwaardelijke jeugddetentie zal hier niet aan bijdragen en dit mogelijk doorkruisen. Gelet daarop wordt een volledig voorwaardelijke jeugddetentie en een werkstraf geadviseerd om de verdachte wel een vorm van strafbeleving te laten ervaren. Dit zal naar verwachting ook helpend zijn voor het verwerkingsproces van de verdachte.
Strafmodaliteit en strafmaatDe rechtbank heeft, naast het hiervoor genoemde, ook gekeken naar straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd. In het nadeel van de verdachte weegt de rechtbank mee dat de slachtoffers heel jong waren en de verdachte pas is gestopt met het vervaardigen van het kinderpornografisch materiaal toen zijn telefoon in beslag is genomen door de politie. In het voordeel van de verdachte weegt de rechtbank mee dat de hij in een vrijwillig kader een hulpverleningstraject bij de Waag positief heeft doorlopen, hij open stond voor een mediationtraject, dat hij er blijk van heeft gegeven dat hij de ernst van het door hem aan de slachtoffers aangedane leed inziet en dat hij ter zitting oprecht berouw heeft getoond. Bovendien heeft de verdachte zich tijdens de terechtzitting open opgesteld en naar zijn vermogen zo goed mogelijk antwoord gegeven op de vragen van de rechtbank. De rechtbank is van oordeel dat de verdachte met deze schuldbewuste proceshouding verantwoordelijkheid neemt voor zijn handelen.
Gelet op het voorgaande zal de rechtbank aan de verdachte opleggen een jeugddetentie voor de duur van één dag, met aftrek het voorarrest (één dag) en een werkstraf van 120 uren. Hoewel de ernst van het feit normaliter een langere jeugddetentie rechtvaardigt, ziet de rechtbank daar in dit geval geen aanleiding voor (ook niet in voorwaardelijke vorm), nu de feiten langere tijd geleden zijn gepleegd en de verdachte sindsdien een positieve ontwikkeling heeft doorgemaakt. Daarbij weegt de rechtbank ook mee dat de risicofactoren door de inzet van de hulpverlening meer op de achtergrond zijn komen te staan.

7.De toepasselijke wetsartikelen

De op te leggen straffen zijn gegrond op de artikelen:
77a, 77g, 77i, 77m, 77n en 240b (oud) van het Wetboek van Strafrecht.
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak rechtens gelden.

8.De beslissing

De rechtbank:
bewezenverklaring
verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, zoals hierboven in paragraaf 3.5 bewezen is verklaard en kwalificeert dit als:
een afbeelding en een gegevensdrager, bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, vervaardigen en in bezit hebben, terwijl van het plegen van dit misdrijf een beroep of gewoonte wordt gemaakt;
verklaart niet wettig en overtuigend bewezen wat aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd en spreekt hem daarvan vrij;
verklaart het bewezenverklaarde en de verdachte daarvoor strafbaar;
straffen
veroordeelt de verdachte tot:
een
jeugddetentievoor de duur van
1(
ÉÉN) DAG;
beveelt dat de tijd, door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht (één dag), bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk gedeelte van deze jeugddetentie geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;
veroordeelt de verdachte voorts tot:
een
taakstraf, bestaande uit een
werkstraf, zijnde het verrichten van onbetaalde arbeid, voor de duur van
120 (HONDERDTWINTIG) UREN;
beveelt, voor het geval dat de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende jeugddetentie zal worden toegepast voor de duur van
60 (ZESTIG) DAGEN;
bepaalt dat de veroordeelde, ook in het geval hij de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt, in aanmerking komt voor vervangende jeugddetentie in plaats van vervangende hechtenis.
Dit vonnis is gewezen door:
mr. N.B. Haverhoek, kinderrechter, voorzitter,
mr. A.P. Pereira Horta, kinderrechter,
en mr. C.F. Mewe, kinderrechter,
in tegenwoordigheid van mr. L.B.M.A. Roozen, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 13 mei 2026.
Bijlage I
Tekst tenlastelegging
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
Hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 4 juni 2023 tot en met 20 maart 2024 te Amsterdam, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, afbeeldingen, te weten 324 afbeeldingen en/of foto’s en/of 6 video’s en/of films – en/of een gegevensdrager bevattende afbeeldingen – te weten een telefoon (goednummer 3116188)
van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, heeft vervaardigd en/of in bezit heeft gehad,
welke seksuele gedragingen – zakelijk weergegeven – bestonden uit:
Het naakt poseren en zichzelf betasten van een geïdentificeerd slachtoffer die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet hadden bereikt
p. 445-452 proces-verbaal bevindingen aantreffen (KP) afbeeldingen 1 t/m 3
en/of
Het plegen van ontuchtige handelingen bij zichzelf en het (gedeeltelijk) naakt poseren van een geïdentificeerd slachtoffer die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet hadden bereikt
p. 454-468 proces-verbaal bevindingen aantreffen (KP) afbeeldingen 1 t/m 16
en/of
(een video-opname van) het door een (onbekende) jongen, die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, met zijn penis vaginaal penetreren van een onbekende volwassen vrouw
p. 397-419 proces-verbaal beschrijving KP algemeen en p. 400-405 - toonmap PV beschrijving KP (algemeen) afbeelding: #01
en/of
het met de hand/vingers betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of ander lichaamsdeel van een (onbekend gebleven) persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of
het met de mond/tong betasten en/of aanraken van een ander lichaamsdeel van een (ander (onbekend gebleven) persoon door een (onbekend gebleven) persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of
het met de hand/vingers betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of
borsten van een (onbekend gebleven) persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, bij zichzelf
p. 397-419 proces-verbaal beschrijving KP algemeen en p. 401-406 toonmap PV beschrijving KP (algemeen) afbeelding: #02 t/m #05
en/of
het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een (onbekend gebleven) persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is met niet bij de leeftijd passende kleding en/of poseert in een erotisch getinte houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past waarbij sprake is van een striptease-act/houding en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel en/of de borsten en/of de billen van deze persoon in beeld gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) telkens een onmiskenbare seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling
p. 397-419 proces-verbaal beschrijving KP algemeen en p. 401-407 toonmap PV
beschrijving KP (algemeen) afbeelding: #06 t/m #09
en/of
en hij aldus van het plegen van dit misdrijf een gewoonte heeft gemaakt.