ECLI:NL:RBDHA:2026:1377

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
28 januari 2026
Publicatiedatum
28 januari 2026
Zaaknummer
NL25.60833
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag na eerdere uitspraak

Eiser heeft op 15 juli 2025 een beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 22 november 2023. De rechtbank heeft op 16 december 2025 dit eerste beroep gegrond verklaard en de minister opgedragen binnen vier weken een besluit te nemen.

Op 11 december 2025 heeft eiser opnieuw een beroep ingediend tegen het niet tijdig beslissen op dezelfde asielaanvraag. De rechtbank heeft ambtshalve onderzocht of er procesbelang bestaat bij dit tweede beroep.

De rechtbank oordeelt dat het procesbelang ontbreekt omdat reeds op het eerste beroep is beslist. Hierdoor is het tweede beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.

Uitkomst: Het tweede beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.60833

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam], eiser,

V-nummer: [nummer],
(gemachtigde: mr. M. Issa),
en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.

Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend, omdat de minister
niet op tijd zou hebben beslist op de asielaanvraag van 22 november 2023.
1.1
De rechtbank doet uitspraak zonder zitting. [1]

Beoordeling door de rechtbank

Is het beroep ontvankelijk en kennelijk gegrond?
2. Eiser heeft op 15 juli 2025 het eerste beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag ingediend. [2] Op 16 december 2025 heeft deze rechtbank en zittingsplaats uitspraak het beroep van eiser gegrond verklaard en daarbij de minister opgedragen om binnen 4 weken een besluit op de aanvraag bekend te maken. Op 11 december 2025 heeft eiser nogmaals een beroep tegen het niet tijdig beslissen op dezelfde asielaanvraag ingediend. Deze uitspraak gaat over het beroep van 11 december 2025.
3. De rechtbank dient ambtshalve te beoordelen of eiser procesbelang heeft bij een beoordeling van haar beroep. Naar het oordeel van de rechtbank ontbreekt dit procesbelang. Eiser heeft tweemaal beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag. Nu de rechtbank al op het beroep van 15 juli 2025 heeft beslist, is er geen belang meer bij de beoordeling van het tweede beroep.

Conclusie en gevolgen

4. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. H. Hanssen-Telman, rechter, in aanwezigheid van
A.W. Landman, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2.NL25.31849.